Het is verboden zonder omgevingsvergunning van burgemeester en wethouders:
een uitweg te maken naar de weg;
van de weg gebruik te maken voor het hebben van een uitweg;
verandering te brengen in een bestaande uitweg naar de weg.
De vergunning kan worden geweigerd:
in het belang van de bruikbaarheid van de weg;
in het belang van het veilig en doelmatig gebruik van de weg;
in het belang van de bescherming van het uiterlijk aanzien van de omgeving;
in het belang van de bescherming van groenvoorzieningen in de gemeente.
als dat zonder noodzaak ten koste gaat van een openbare parkeerplaats;
als sprake is van strijdigheid met andere wet- of regelgeving.
Het bepaalde in het eerste lid geldt niet voor zover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door de Wet beheer rijkswaterstaatswerken of de provinciale wegenverordening of het provinciaal wegenreglement.