1. De exploitatievergunning vervalt indien:

    1. het horecabedrijf blijkens de registers van de Kamer van Koophandel of op grond van andere informatie niet meer voor rekening van de exploitant, op wiens naam de vergunning is gesteld, wordt geëxploiteerd;

    2. gedurende een jaar anders dan wegens overmacht geen handelingen zijn verricht met gebruikmaking van de vergunning;

    3. wanneer er een wijziging optreedt in de natuurlijke persoon of personen of rechtspersoon of rechtspersonen die de inrichting exploiteert of exploiteren en de tot vertegenwoordiging van die rechtspersoon of rechtspersonen bevoegde natuurlijke persoon of personen en hiervoor geen nieuwe vergunning is aangevraagd;

    4. de exploitant deze hoedanigheid heeft verloren;

    5. een nieuwe vergunning, ter vervanging van de niet meer actuele vergunning, is verleend.

  2. Indien binnen veertien dagen nadat de exploitant of beheerder deze hoedanigheid heeft verloren een ontvankelijke aanvraag voor de exploitatie van dezelfde inrichting wordt ingediend, blijft het bepaalde in het eerste lid, onder d buiten toepassing, tot het moment dat op die aanvraag is beslist.