1. Openbare inrichtingen zijn, behoudens op 1 januari, gesloten op maandag tot en met vrijdag tussen 01.00 uur en 06.00 uur en op zaterdag en zondag tussen 03.00 uur en 06.00 uur. Voor de toepassing van dit lid wordt onder zondag tevens verstaan:

  1. Carnavalsmaandag en -dinsdag, 2e Paasdag, Koningsdag, Hemelvaartsdag, 2e Pinksterdag, kermismaandag en -dinsdag, 1e en 2e Kerstdag;

  2. De dag volgend op 2e Paasdag, Koningsdag, Hemelvaartsdag, 2e Pinksterdag, kermisdinsdag en 2e Kerstdag.

  3. In afwijking van het eerste lid zijn openbare inrichtingen die paracommercieel worden geëxploiteerd door sportverenigingen gesloten op maandag tot en met vrijdag tussen 00.00 uur en 08.00 uur en op zaterdag en zondag tussen 00.00 uur en 08.00 uur en tussen 19.00 uur en 24.00 uur. In afwijking van het bepaalde in de vorige volzin geldt bij officiële, door de betreffende sportbond uitgeschreven wedstrijden op zaterdag, zondag of feestdagen, die eindigen na 18.00 uur, dat de inrichting uiterlijk één uur na de wedstrijd gesloten dient te zijn.

  4. In afwijking van het eerste lid zijn openbare inrichtingen die paracommercieel worden geëxploiteerd in dorps- en wijkcentra gesloten op maandag tot en met vrijdag tussen 00.00 uur en 08.30 uur en op zaterdag en zondag tussen 01.00 uur en 08.30 uur. Het bepaalde in het eerste lid, tweede volzin is van overeenkomstige toepassing.

  5. In afwijking van het eerste lid zijn openbare inrichtingen die als ondersteunende horeca worden geëxploiteerd gesloten na de beëindiging van de hoofdactiviteit, doch in ieder geval tussen 19.00 uur en 06.00 uur, of op het tijdstip dat daartoe in het omgevingsgplan of aan de exploitant van de inrichting verstrekte vergunning is bepaald.

  6. Het is verboden na sluitingstijd een openbare inrichting voor bezoekers geopend te hebben, bezoekers in de inrichting te laten verblijven, of van daaruit dranken of spijzen te verstrekken.

  7. De burgemeester kan ontheffing verlenen van de sluitingstijd.

  8. Voor een openbare inrichting als bedoeld in artikel 2:28, vierde lid aanhef en onder a gelden dezelfde sluitingstijden als voor de winkel.

  9. Het eerste en het derde lid zijn niet van toepassing op situaties waarin bij of krachtens de Omgevingswet is voorzien.

  10. Op de ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet-tijdig beslissen) niet van toepassing.