Algemene Plaatselijke Verordening Katwijk 2014 BETA Foutje gevonden? Laatste controle 16-04-2026, laatste wijziging 12-04-2026 (Bron: lokaleregelgeving.overheid.nl).

Inhoud
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
Hoofdstuk Openbare orde en veiligheid, volksgezondheid en milieu
Afdeling Voorkomen of bestrijden van ongeregeldheden
Afdeling Bruikbaarheid, uiterlijk aanzien en veilig gebruik van openbare plaatsen
Afdeling Evenementen
Afdeling Toezicht op openbare inrichtingen
Afdeling Regulering paracommerciële rechtspersonen en overige aangelegenheden uit de Alcoholwet
Afdeling Toezicht op inrichtingen tot het verschaffen van nachtverblijf
Afdeling Toezicht op speelgelegenheden
Afdeling Maatregelen ter voorkoming van overlast, gevaar of schade
Afdeling Bestrijding van heling van goederen
Afdeling Consumentenvuurwerk
Afdeling Drugsoverlast
Afdeling Bijzondere bevoegdheden van de burgemeester
Afdeling Voor publiek openstaande gebouwen
Hoofdstuk Seksinrichtingen, sekswinkels, straatprostitutie e.d.
Hoofdstuk Bescherming van het milieu en het natuurschoon en zorg voor het uiterlijk aanzien van de gemeente
Hoofdstuk Andere onderwerpen betreffende de huishouding van de gemeente
Hoofdstuk Straf-, overgangs- en slotbepalingen

Paragraaf

Handelingen op het strand en in zee

Artikel 5:40

Vrijhouden strand voor redding en hulpverlening

Het is verboden zich op te houden en/of voorwerpen te plaatsen op de als zodanig afgebakende stroken strand ter hoogte van:

  1. de posten van de Katwijkse Reddings Brigade en

  2. andere strand op- en afgangen.

Artikel 5:41

Zwemmen in het Rijnlands Uitwateringskanaal

Het is verboden te zwemmen:

  1. in de Binnenwatering van het Rijnlands Uitwateringskanaal, en

  2. het Pr. Hendrikkanaal

  3. tijdens het spuien in de Buitenwatering van het Rijnlands Uitwateringskanaal.

Artikel 5:42

Gevaar of overlast in zee

Het is verboden in zee met een vaartuig te varen, enige vorm van watersport te bedrijven of zich te gedragen, op zodanige wijze dat daarvan gevaar of overlast te duchten is.

Artikel 5:43

Varen in zee

  1. Het is verboden in zee met een vaartuig bestemd voor recreatieve doeleinden te varen bij:

    1. windkracht 6 of meer op de schaal van Beaufort;

    2. onweer;

    3. mistdampen op zee, waardoor het zicht vanuit de kust minder is dan 200 meter, en

    4. die plaatsen en in de onmiddellijke omgeving daarvan, die door middel van een rode vlag of op andere wijze als zijnde gevaarlijk worden aangeduid.

  2. Het in lid 1, aanhef en onder a gestelde geldt niet voor (kite)surfplanken.

Artikel 5:44

Zich bevinden in zee

  1. Het is verboden zich in zee of in de Buitenwatering van het Rijnlands Uitwateringskanaal te bevinden:

    1. bij aflandige wind met een opblaasbare boot, een luchtbed of luchtkussen, een autoband of een ander voorwerp, bestemd of gebruikt om zich daarmee drijvende te houden;

    2. op die plaatsen en in de onmiddellijke omgeving daarvan, die door middel van een rode vlag of op andere wijze als zijnde gevaarlijk zijn aangeduid, en

    3. gedurende de tijd dat op de politiestrandpost, op de posten van de Katwijkse Reddings Brigade of op andere plaatsen op of aan het strand een rode vlag is gehesen.

Artikel 5:45

Vaartuigen op het strand

  1. Het is verboden in de periode van 1 april tot 1 oktober een vaartuig te hebben op het strand of daarmee af te varen dan wel aan te landen. Dit verbod geldt niet voor het strandgedeelte voor de KRB/politiestrandpost ten zuiden van de Uitwatering tussen 18.00 en 11.00 uur.

  2. Het college kan ontheffing verlenen van het in het eerste lid gestelde verbod.

  3. Het in het eerste lid gesteld verbod is niet van toepassing op vaartuigen in gebruik bij de politie, de Katwijkse Reddings Brigade, de Koninklijke Nederlandse Redding Maatschappij of op het strand gevestigde watersportverenigingen.

  4. Het college kan in het belang van de (openbare) veiligheid nadere regels stellen aan het hebben van een vaartuig op het strand of het daarmee varen dan wel landen.

Artikel 5:46

Jetski’s en waterscooters

  1. Het is verboden een jetski of waterscooter op het strand te hebben, dan wel om daarmee vanaf het strand af te varen of aan te landen of zich daarmee in zee te begeven.

  2. Het college kan ontheffing verlenen van het in het eerste lid gestelde verbod.

Artikel 5:47

Rijden met voertuigen op het strand

  1. Het is zonder vergunning van het college verboden te rijden over het strand met voertuigen dan wel deze aldaar te plaatsen of te laten staan.

  2. Het college kan een periode(n) aanwijzen waarin dit verbod op delen van het strand dan wel het gehele strand, al dan niet gedurende bepaalde tijden, niet geldt voor fietsen.

  3. Het is verboden op het strand een zeilwagen of een vergelijkbaar voertuig te hebben of daarmee op het strand te rijden in de periode van 1 april tot 1 oktober.

  4. Het in het eerste lid gestelde verbod is niet van toepassing op voertuigen die worden gebezigd door de politie, de gemeente dan wel personen en/of bedrijven die in opdracht van de gemeente werkzaamheden verrichten, de Katwijkse Reddingsbrigade, de Koninklijke Nederlandse Redding Maatschappij en de strandexploitanten in de uitoefening van hun functie of bij hun werkzaamheden.

Artikel 5:48

Rij- of trekdieren op het strand

  1. Het is verboden in de periode van 1 april tot 1 oktober zich op het strand te begeven met een rij- of trekdier.

  2. Het college kan omstandigheden, plaatsen en tijden aanwijzen waarop het verbod genoemd in het eerste lid niet geldt.

  3. Het in het eerste lid gestelde verbod is niet van toepassing op rij- of trekdieren die door de politie of de gemeente in de uitoefening van hun functie of bij hun werkzaamheden worden gebruikt dan wel indien artikel 5:49 van deze verordening van toepassing is.

Artikel 5:49

Verhuur rij- of trekdieren

Het is verboden om zonder vergunning van het college op of aan het strand rij- en trekdieren te verhuren of deze bestemd ter verhuring op het strand te laten staan of lopen.

Artikel 5.50

Voorwerpen op het strand

  1. Het is verboden om zonder vergunning van het college op het strand, strandstoelen, tafels, banken, tenten, cabines, kramen en andere voorwerpen te verhuren, te plaatsen of te hebben.

  2. Het bepaalde in het eerste lid geldt niet voor strandstoelen en andere voorwerpen die door de strandbezoekers als handbagage, uitsluitend voor eigen gebruik, worden meegebracht en worden geplaatst op een niet-verpacht strandgedeelte, dan wel op een verpacht c.q. in gebruik gegeven strandgedeelte met toestemming van de strandexploitant.

Artikel 5:51

Honden op het strand

  1. Onverminderd het bepaalde in artikel 2:57 is het de eigenaar, houder of hoeder van een hond verboden deze gedurende de periode van 1 april tot 1 oktober mee te nemen op het strand.

  2. Het college kan omstandigheden, plaatsen en tijden aanwijzen waarop het verbod genoemd in het eerste lid niet geldt.

Artikel 5:52

Vissen vanaf het strand

  1. Het is in de periode van 1 april tot 1 oktober verboden vanaf het strand te vissen.

  2. Het college kan ten aanzien van het vissen vanaf het strand:

    1. omstandigheden, plaatsen en tijden aanwijzen waarop het verbod genoemd in het eerste lid niet geldt.

    2. nadere regels stellen in het belang van de openbare orde en veiligheid en de bescherming van het milieu.

Artikel 5:53

Kampvuren en barbecues op het strand

Onverminderd het bepaalde in artikel 5:34 is het verboden op het strand een kampvuur of een barbecue te houden, dan wel op enige andere wijze een vuurtje te stoken.

Artikel 5:54

Strandvonderij

Het is verboden op het strand aangetroffen, kennelijk uit zee aangespoelde goederen naar een andere plaats te vervoeren dan naar het gemeentehuis​, waar de goederen ter beschikking dienen te worden gesteld van de strandvonderij.

Artikel 5:55

Vliegeren, kitesurfen en windsurfen

  1. Het is verboden in de periode van 1 april tot 1 oktober op het strand en in de duinen te vliegeren met vliegers, die door middel van twee of meer lijnen kunnen worden bestuurd.

  2. Het is verboden in de periode van 1 april tot 1 oktober op het strand een kite- en/of windsurfplank te hebben of zich hiermee in zee te begeven of hiermee aan te landen.

  3. Het college kan een of meerdere gebieden aanwijzen waarvoor de in het eerste lid en tweede lid genoemde verboden niet gelden.

  4. De burgemeester kan in bijzondere gevallen ontheffing verlenen van het in het eerste lid en tweede lid gestelde verbod

← terug naar Algemene Plaatselijke Verordening Katwijk 2014