Aanwezigheid van en toezicht door exploitant en beheerder

  1. Het is verboden een seksinrichting voor bezoekers geopend te hebben, zonder dat exploitant of de beheerder bedoeld in artikel 3:4, tweede lid onder a of b, van deze verordening, in de seksinrichting aanwezig is.

  2. De exploitant en de beheerder zien er voortdurend op toe dat in de seksinrichting:

    1. geen strafbare feiten plaatsvinden, waaronder in ieder geval de feiten genoemd in de titels XIV (misdrijven tegen de zeden), XVIII (misdrijven tegen de persoonlijke vrijheid), XX (mishandeling), XXII (diefstal) en XXX (begunstiging) van het Tweede Boek van het Wetboek van Strafrecht, in de Opiumwet en in de Wet wapens en munitie en

    2. geen prostitutie wordt uitgeoefend door personen in strijd met of krachtens het bepaalde in de Wet arbeid vreemdelingen of de Vreemdelingenwet.