ALGEMENE PLAATSELIJKE VERORDENING DOESBURG 2020 BETA Foutje gevonden? Laatste controle 16-04-2026, laatste wijziging 12-04-2026 (Bron: lokaleregelgeving.overheid.nl).

Inhoud
HOOFDSTUK ALGEMENE BEPALINGEN
HOOFDSTUK OPENBARE ORDE EN VEILIGHEID, VOLKSGEZONDDHEID EN MILIEU
Afdeling Voorkomen of bestrijden van ongeregeldheden
Afdeling Bruikbaarheid, uiterlijk aanzien en veilig gebruik van openbare plaatsen
Afdeling Evenementen
Afdeling Toezicht op openbare inrichtingen
Afdeling Regulering paracommerciële rechtspersonen en overige aangelegenheden uit de Alcoholwet
Afdeling Toezicht op speelgelegenheden
Afdeling Maatregelen ter voorkoming van overlast, gevaar of schade
Afdeling Bepalingen ter bestrijding van heling van goederen
Afdeling Vuurwerk
Afdeling Drugsoverlast
Afdeling Bijzondere bevoegdheden van de burgemeester
Afdeling Toezicht op bedrijfsmatige activiteiten en gebouwen
HOOFDSTUK REGULERING PROSTITUTIE, SEKSBRANCHE EN AANVERWANTE ONDERWERPEN
HOOFDSTUK BESCHERMING VAN HET MILIEU EN HET NATUURSCHOON EN ZORG VOOR HET UITERLIJK AANZIEN VAN DE GEMEENTE
Afdeling Voorkomen of beperken geluidhinder en hinder door verlichting
Afdeling Bodem-, weg- en milieuverontreiniging
Afdeling Maatregelen tegen ontsiering en stankoverlast
Afdeling Kamperen buiten kampeerterreinen
HOOFDSTUK ANDERE ONDERWERPEN BETREFFENDE DE HUISHOUDINGVAN DE GEMEENTE
HOOFDSTUK SANCTIE-, OVERGANGS- EN SLOTBEPALINGEN

Afdeling

Vuurwerk

Artikel 2:71

Definitie(s)

In deze afdeling wordt verstaan onder consumentenvuurwerk: hetgeen daaronder wordt verstaan in het Besluit van 22 januari 2002, houdende nieuwe regels met betrekking tot consumenten- en professioneel vuurwerk (Vuurwerkbesluit).

Artikel 2:72

Ter beschikking stellen van consumentenvuurwerk tijdens de verkoopdagen

  1. Het is verboden in de uitoefening van een bedrijf of nevenbedrijf consumentenvuurwerk ter beschikking te stellen dan wel voor het ter beschikking stellen aanwezig te houden, zonder een vergunning van het college.

  2. Op de aanvraag om een vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

Artikel 2:73

Gebruik van consumentenvuurwerk tijdens de jaarwisseling

  1. Het is verboden consumentenvuurwerk te gebruiken op een door het college in het belang van de voorkoming van gevaar, schade of overlast aangewezen plaats.

  2. Het is verboden consumentenvuurwerk op een openbare plaats te gebruiken als dat gevaar, schade of overlast kan veroorzaken.

  3. De verboden bedoeld in het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door artikel 429, aanhef en onder 1, van het Wetboek van Strafrecht.

Artikel 2:73A

Carbid schieten

  1. Onder carbidschieten wordt verstaan: het in een bus / container / opslagvat op explosieve wijze verbranden van acetyleengas afkomstig van een reactie tussen calciumacetylide (carbid) en water of gasmengsels met vergelijkbare eigenschappen.

  2. Het is verboden in de openlucht met carbid te schieten.

  3. Het verbod in het tweede lid geldt niet op 31 december tussen 10.00 uur en 18.00 uur indien

    1. carbidschieten plaatsvindt op een perceel buiten de bebouwde kom, waarbij gebruik wordt gemaakt van bussen met een maximale inhoud van 40 liter;

    2. er een schriftelijke toestemming is van de eigenaar van het terrein van waaraf geschoten wordt;

    3. bij het carbidschieten gebruik wordt gemaakt van bussen, die niet worden afgesloten met harde voorwerpen zoals metalen, houten en andere vergelijkbare materialen (in ieder geval zijn toegestaan lederen en plastic ballen);

    4. binnen een cirkel met een straal van 100 meter rond de plaats waar het carbidschieten plaatsvindt, in totaal niet meer dan 10 bussen gebruikt dan wel gebruiksklaar aanwezig gehouden worden voor carbidschieten;

    5. het carbidschieten plaats vindt op een afstand van ten minste: 75 meter van woningen van derden, tenzij deze derden schriftelijk toestemming hebben gegeven voor een kortere afstand en 150 meter van gebouwen of andere voorzieningen waarin dieren verblijven;

    6. het schootsveld tenminste 75 meter bedraagt en binnen dit schootsveld zich geen publiek of andere personen bevindt en er geen openbare wegen of paden gelegen zijn;

    7. het carbid dient te worden vervoerd en bewaard in een af te sluiten kist waar geen water en vocht bij kan;

    8. degene die met carbid schiet alle redelijkerwijs mogelijke maatregelen neemt om elk gevaar voor mens en dier te voorkomen;

    9. indien sprake is van carbid schieten door een persoon die de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt een toezichthouder aanwezig is. Onder toezichthouder wordt verstaan: een persoon die de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt en niet onder invloed is van alcohol of drugs. De toezichthouder is te allen tijde in staat om aanwijzingen te geven ten aanzien van de handelingen van de carbidschieter en kan diens handelingen te allen tijde verhinderen.

  4. Het college kan ontheffing van het verbod in het tweede lid verlenen.

  5. Het in het tweede lid bepaalde geldt niet voor zover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door de Wet milieubeheer, de Wet wapens en munitie of het Wetboek van Strafrecht.

← terug naar ALGEMENE PLAATSELIJKE VERORDENING DOESBURG 2020