1. De vergunning of ontheffing kan door het bevoegd gezag of het bevoegde bestuursorgaan worden geweigerd in het belang van:

    1. de openbare orde;

    2. de openbare veiligheid;

    3. de volksgezondheid;

    4. de bescherming van het milieu.

  2. Een vergunning of ontheffing kan voorts worden geweigerd indien de aanvraag op een dusdanig tijdstip is ingediend dat daardoor een behoorlijke behandeling van de aanvraag niet meer mogelijk is.