1. Het is een inrichting toegestaan op maximaal 6 dagen of dagdelen per kalenderjaar incidentele festiviteiten te houden waarbij de geluidsnormen, bedoeld in de artikelen 2.17, 2.17a, 2.19, 2.19a en 2.20 van het Activiteitenbesluit milieubeheer niet van toepassing zijn, mits de houder van de inrichting ten minste twee weken voor de aanvang van de festiviteit daarvan melding heeft gedaan aan het college.

  2. Het is een inrichting toegestaan om tijdens maximaal 12 dagen of dagdelen per kalenderjaar in verband met de viering van incidentele festiviteiten de verlichting langer aan te houden ten behoeve van sportactiviteiten waarbij artikel 3.148, eerste lid, van het Activiteitenbesluit milieubeheer niet van toepassing is, mits de houder van de inrichting ten minste tien werkdagen voor de aanvang van de festiviteit daarvan melding heeft gedaan aan het college.

  3. Het college stelt een formulier vast voor het doen van de melding.

  4. De melding is gedaan wanneer het formulier, volledig en naar waarheid ingevuld, tijdig is ingeleverd op de plaats op dat formulier vermeld.

  5. De melding wordt geacht te zijn gedaan wanneer het college op verzoek van de houder van een inrichting een incidentele festiviteit die redelijkerwijs niet te voorzien was, terstond toestaat.

  6. Een incidentele festiviteit als bedoeld in lid 1 die in het bebouwde gedeelte van de inrichting plaatsvindt moet van maandag tot en met vrijdag uiterlijk zijn beëindigd om 0.30 uur en op zaterdag en zondag uiterlijk om 01.30 uur.

  7. Het equivalente geluidsniveau LAeq bij de in lid 6 bedoelde activiteit, veroorzaakt door de inrichting, bedraagt niet meer dan 50 dB(A) en 63 dB(C), gemeten op de gevel van gevoelige gebouwen op een hoogte van 5 meter.

  8. Bij het ten gehore brengen van muziekgeluid bij de in lid 6 van dit artikel bedoelde activiteit blijven ramen en deuren gesloten, behoudens voor het onmiddellijk doorlaten van personen of goederen.

  9. Een incidentele festiviteit als bedoeld in lid 1 die in de buitenlucht plaatsvindt mag van maandag tot met zaterdag niet starten voor 9.00 uur en op zondagen niet voor 13.00 uur. De incidentele festiviteit die in de buitenlucht plaatsvindt, mag maximaal 5 uur duren en moet uiterlijk zijn beëindigd om 23.00 uur en op zondagen om 21.00 uur.

  10. Het equivalente geluidsniveau LAeq bij de in lid 9 van dit artikel bedoelde activiteit, veroorzaakt door de inrichting, bedraagt niet meer dan 70 dB(A) en 83 dB(C), gemeten op de gevel van gevoelige gebouwen op een hoogte van 5 meter.

  11. De geluidsnormen, bedoeld in het zevende en het tiende lid van dit artikel, zijn inclusief onversterkte muziek en exclusief 10 dB(A) toeslag vanwege muziekcorrectie. Tevens wordt de bedrijfsduurcorrectie buiten beschouwing gelaten. De bepaling van de geluidsniveaus vindt plaats overeenkomstig de “Handleiding meten en rekenen industrielawaai 1999” Voor een incidentele festiviteit die deels in de buitenlucht en deels in het bebouwde deel de inrichting plaatsvindt, gelden de normen en tijden zoals benoemd in het negende en tiende lid van dit artikel.