1. Het is de vergunninghouder als bedoeld in artikel 2:28 verboden in een door de burgemeester aangewezen gebied en binnen een door hem aangewezen periode in de openbare inrichting en op het terras alcoholhoudende en niet alcoholhoudende drank te verstrekken in glas of blik.

  2. Het verbod geldt niet:

    1. in het inpandige gedeelte van een restaurant;

    2. in het afgescheiden restaurantgedeelte van een hotel of van een pension;

    3. voor een niet aan een openbare plaats gelegen terras.

  3. De burgemeester kan ontheffing verlenen van het verbod.

  4. Op de aanvraag om een ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.