1. Het is verboden consumentenvuurwerk te gebruiken op een door het college in het belang van het voorkomen van gevaar, schade of overlast aangewezen plaats.

  2. Het is verboden consumentenvuurwerk op een openbare plaats te gebruiken als dat gevaar, schade of overlast kan veroorzaken.

  3. Het is verboden consumentenvuurwerk op een openbare plaats te vervoeren of anderszins op enigerlei wijze bij zich te hebben.

  4. Het verbod in het derde lid is in de volgende gevallen en situaties niet van toepassing:

    1. gedurende het tijdvak waarbinnen ingevolge artikel 2.3.6 van het vuurwerkbesluit consumentenvuurwerk mag worden afgestoken;

    2. als het vervoer dan wel het bij zich hebben uitsluitend tot doel heeft om consumentenvuurwerk over te brengen van de plaats van aanschaf van het vuurwerk naar de woonlocatie van degene die het vuurwerk vervoert dan wel bij zich heeft;

    3. als het vervoer dan wel het bij zich hebben uitsluitend tot doel heeft om consumentenvuurwerk over te brengen van de plaats van de woonlocatie van degene die het vuurwerk vervoert dan wel bij zich heeft naar een locatie waar deze persoon het vuurwerk zal afsteken, gedurende het tijdvak waarbinnen ingevolge artikel 2.3.6 van het vuurwerkbesluit consumentenvuurwerk mag worden afgestoken;

  5. De verboden zijn niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door artikel 429, aanhef en onder 1, van het Wetboek van Strafrecht.