1. Het is verboden om binnen de gemeente ligplaats in te nemen, of te hebben of toe te laten dat ligplaats wordt ingenomen met een vaartuig, alsmede een vaartuig in aanbouw of een casco.

  2. Het vorige lid is niet van toepassing op vaartuigen als bedoeld in artikel 5:26a en op locaties zoals bedoeld in artikel 5:26b van deze verordening.

  3. Het verbod als bedoeld in lid 1 van dit artikel is niet van toepassing op vaartuigen ten behoeve van pleziervaart, niet zijnde een kajuitboot als bedoeld in artikel 5:26a.

  4. Het in het eerste en tweede lid bepaalde laat onverlet de werking van beperkingengebiedactiviteiten met betrekking tot een waterstaatswerk waarvoor regels zijn gesteld bij of krachtens de Omgevingswet, de provinciale omgevingsverordening of de waterschapsverordening of op situaties waarin wordt voorzien door het Besluit bouwwerken leefomgeving of het overige bepaalde bij of krachtens de Omgevingswet, de Wet milieubeheer of het Binnenvaartpolitiereglement.