1. Als de rechter het verzoek om een plaatsopneming of bezichtiging toestaat, bepaalt hij de plaats, de dag en het uur waarop de plaatsopneming of bezichtiging plaatsvindt en de termijn waarbinnen het proces-verbaal van de plaatsopneming of bezichtiging aan partijen moet zijn verstrekt. Artikel 193 is van overeenkomstige toepassing.

  2. Als de rechter het verzoek toestaat zonder dat een mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden, gaat de rechter, voordat hij overgaat tot de plaatsopneming of bezichtiging, eerst na of de verzoeker heeft voldaan aan de verplichting bedoeld in artikel 198, tweede lid.