Wet op de lijkbezorging Laatste controle 30-03-2026, laatste wijziging 15-03-2026.

Inhoud
Hoofdstuk I Algemene bepalingen
Hoofdstuk II Algemene voorschriften voor de lijkbezorging
Hoofdstuk III Begraving
Hoofdstuk IV Crematie
Hoofdstuk V Bijzondere wijzen van lijkbezorging
Hoofdstuk VI Bijzondere bepalingen
Hoofdstuk VII Strafbepalingen
Hoofdstuk VIII Overgangs- en slotbepalingen

Hoofdstuk V

Bijzondere wijzen van lijkbezorging

Artikel 67

  1. Een lijk kan in het belang van de wetenschap of het wetenschappelijk onderwijs worden ontleed.

  2. Ontleding geschiedt slechts, indien de overledene zijn lijk daartoe heeft bestemd. De artikelen 18, eerste lid, tweede volzin, en 19 zijn van toepassing.

  3. Bij gebreke van een bestemming inzake lijkbezorging door de overledene kan ontleding eveneens geschieden, indien de niet van tafel en bed gescheiden echtgenoot, de geregistreerde partner of andere levensgezel dan wel, bij ontstentenis of onbereikbaarheid van deze, de naaste onmiddellijk bereikbare meerderjarige bloed- of aanverwanten tot en met de derde graad, of, wanneer ook deze niet bereikbaar zijn, de aanwezige meerderjarige erfgenamen of anders degenen die de zorg voor het lijk op zich nemen, dit daartoe bestemmen.

Artikel 68

  1. Ontleding geschiedt slechts met schriftelijk verlof van de burgemeester. Het verlof wordt binnen drie dagen kosteloos afgegeven en vermeldt de plaats van ontleding. De artikelen 12-15 zijn van overeenkomstige toepassing.

  2. Van het besluit van de burgemeester staat binnen 24 uren beroep open op Onze Commissaris in de provincie, die daarop onmiddellijk beslist. De Algemene wet bestuursrecht is niet van toepassing.

Artikel 69

  1. Ontleding vangt niet eerder aan dan 36 uren na het overlijden.

  2. Deze handeling wordt niet verricht dan door of onder het toezicht van een arts.

Artikel 70

Bij algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld over de wijze waarop wordt omgegaan met lijken van personen of van doodgeborenen die zijn overleden onderscheidenlijk ter wereld gekomen aan boord van een schip op zee dat op grond van voor Nederland geldende rechtsregels gerechtigd is de vlag van het Koninkrijk te voeren.

← terug naar Wet op de lijkbezorging