-
Bij regeling van Onze Minister van Veiligheid en Justitie kan worden bepaald dat de houder van een vergunning als bedoeld in de artikelen 9, 14b, 16, 24, 27b en 27h aan Onze Minister van Veiligheid en Justitie overeenkomstig bij die regeling te stellen regels voor het gebruik van die vergunning eenmalig of periodiek een bedrag is verschuldigd.
-
Het bedrag, bedoeld in het eerste lid, kan bij dwangbevel worden ingevorderd.
-
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de inning van dat bedrag.
Inhoud
Artikel 6a Wet op de kansspelen – Wettekst
HISTORISCH
Je bekijkt een oudere officiële versie van 12-02-2025.
Deze versie geldt vanaf 12-02-2025.
Officiële wettekst historische versie
Historische versies
12-02-2025
Historisch
01-10-2022
Historisch
01-01-2022
Historisch
01-10-2021
Historisch
01-07-2021
Historisch
01-04-2021
Historisch
Tekst van deze versie
-
Bij regeling van Onze Minister van Veiligheid en Justitie kan worden bepaald dat de houder van een vergunning als bedoeld in de artikelen 9, 14b, 16, 24, 27b en 27h aan Onze Minister van Veiligheid en Justitie overeenkomstig bij die regeling te stellen regels voor het gebruik van die vergunning eenmalig of periodiek een bedrag is verschuldigd.
-
Het bedrag, bedoeld in het eerste lid, kan bij dwangbevel worden ingevorderd.
-
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de inning van dat bedrag.
Nog geen automatische verwijzingen.
Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.