-
Het College bestaat uit ten hoogste twaalf leden. De voorzitter en de overige leden worden bij koninklijk besluit benoemd en ontslagen.
-
De voorzitter en ten minste de helft van de overige leden van het College zijn onafhankelijke deskundigen. De andere leden van het College zijn ambtenaren in rijksdienst, die daarin met raadgevende stem zitting hebben.
-
Het College wordt bijgestaan door een secretaris, die wordt benoemd en ontslagen bij koninklijk besluit. De secretaris heeft in de vergaderingen van het College een raadgevende stem.
-
Aan het College kan een bureau worden verbonden, dat onder leiding staat van de secretaris. De secretaris en de overige leden van het bureau zijn voor de uitoefening van hun taak uitsluitend verantwoording schuldig aan het College.
-
Leden van het College, alsmede van het daaraan verbonden bureau, mogen geen direct of indirect persoonlijk belang hebben bij de exploitatie van kansspelen.
Inhoud
Artikel 36 Wet op de kansspelen – Wettekst
Officiële wettekst historische versie
Historische versies
Tekst van deze versie
-
Het College bestaat uit ten hoogste twaalf leden. De voorzitter en de overige leden worden bij koninklijk besluit benoemd en ontslagen.
-
De voorzitter en ten minste de helft van de overige leden van het College zijn onafhankelijke deskundigen. De andere leden van het College zijn ambtenaren in rijksdienst, die daarin met raadgevende stem zitting hebben.
-
Het College wordt bijgestaan door een secretaris, die wordt benoemd en ontslagen bij koninklijk besluit. De secretaris heeft in de vergaderingen van het College een raadgevende stem.
-
Aan het College kan een bureau worden verbonden, dat onder leiding staat van de secretaris. De secretaris en de overige leden van het bureau zijn voor de uitoefening van hun taak uitsluitend verantwoording schuldig aan het College.
-
Leden van het College, alsmede van het daaraan verbonden bureau, mogen geen direct of indirect persoonlijk belang hebben bij de exploitatie van kansspelen.
Nog geen automatische verwijzingen.