Wet op de kansspelen

Inhoud

Artikel 14b Wet op de kansspelen – Wettekst

HISTORISCH
Deze versie geldt vanaf 01-08-2008.

Officiële wettekst historische versie

  1. Onze Ministers van Justitie en van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur kunnen met het oog op de belangen van instellingen werkzaam ten algemene nutte, in het bijzonder op het gebied van sport en lichamelijke vorming, van de cultuur, het maatschappelijk welzijn en de volksgezondheid, aan één rechtspersoon met volledige rechtsbevoegdheid voor een door hen te bepalen duur vergunning verlenen tot het organiseren van een instantloterij.

  2. De opbrengst van de instantloterij - na aftrek van de prijzen en kosten - komt ten goede aan de belangen, die de rechtspersoon beoogt te dienen met het organiseren van de instantloterij.

  3. Van de opbrengst van de instantloterij wordt ten minste 47,5% bestemd voor uitkering aan prijzen.

  4. Onze in het eerste lid genoemde Ministers kunnen, in overeenstemming met Onze Minister van Financiën, bepalen dat een door hen vast te stellen gedeelte van de opbrengst van de instantloterij ten goede zal komen aan de schatkist, als vergoeding voor opbrengstenderving bij de staatsloterij ten gevolge van het organiseren van de instantloterij. Deze vergoeding is begrepen in de kosten bedoeld in het tweede lid.

Historische versies

12-02-2025 Historisch 01-10-2022 Historisch 01-01-2022 Historisch 01-10-2021 Historisch 01-07-2021 Historisch 01-04-2021 Historisch 28-07-2018 Historisch 25-07-2018 Historisch 25-05-2018 Historisch 01-01-2018 Historisch 01-04-2016 Historisch 01-01-2015 Historisch 01-01-2014 Historisch 01-07-2013 Historisch 01-01-2013 Historisch 01-04-2012 Historisch 01-01-2012 Historisch 01-07-2010 Historisch 01-08-2008 Historisch 01-01-2008 Historisch 13-12-2006 Historisch 01-01-2006 Historisch 01-01-2003 Historisch 01-09-2002 Historisch 01-01-2002 Historisch
Voor dit artikel is er geen zichtbare wijziging ten opzichte van 01-01-2002.

Tekst van deze versie

  1. Onze Ministers van Justitie en van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur kunnen met het oog op de belangen van instellingen werkzaam ten algemene nutte, in het bijzonder op het gebied van sport en lichamelijke vorming, van de cultuur, het maatschappelijk welzijn en de volksgezondheid, aan één rechtspersoon met volledige rechtsbevoegdheid voor een door hen te bepalen duur vergunning verlenen tot het organiseren van een instantloterij.

  2. De opbrengst van de instantloterij - na aftrek van de prijzen en kosten - komt ten goede aan de belangen, die de rechtspersoon beoogt te dienen met het organiseren van de instantloterij.

  3. Van de opbrengst van de instantloterij wordt ten minste 47,5% bestemd voor uitkering aan prijzen.

  4. Onze in het eerste lid genoemde Ministers kunnen, in overeenstemming met Onze Minister van Financiën, bepalen dat een door hen vast te stellen gedeelte van de opbrengst van de instantloterij ten goede zal komen aan de schatkist, als vergoeding voor opbrengstenderving bij de staatsloterij ten gevolge van het organiseren van de instantloterij. Deze vergoeding is begrepen in de kosten bedoeld in het tweede lid.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Wet op de kansspelen