-
Op de voorbereiding van het frequentieplan en wijzigingen daarvan is afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing, met dien verstande dat in aanvulling op artikel 3:15, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, ook een gebruiker en een consument zijn zienswijze over het ontwerp naar voren kan brengen.
-
Onze Minister stelt geen frequentieplan of een wijziging daarvan vast met betrekking tot de in artikel 3.1, tweede lid, onder b, bedoelde frequentiebanden zonder dat hij de beschikking heeft over een behoefte-onderbouwingsplan, dat niet langer dan een jaar tevoren bij hem is ingediend.
-
Het eerste en het tweede lid zijn niet van toepassing voor zover de vaststelling van het frequentieplan of de wijziging daarvan:
het gevolg is van een verdrag of een besluit van een volkenrechtelijke organisatie, of
noodzakelijk is voor de implementatie van een besluit van een instelling van de Europese Unie.
-
Het eerste en tweede lid is voorts niet van toepassing voor zover het frequentieplan of de wijziging daarvan betrekking heeft op wijzigingen van ondergeschikte aard.
-
Het tweede lid is voorts niet van toepassing indien Onze Minister een verzoek heeft gedaan aan Onze Minister wie het mede aangaat om binnen drie maanden bij hem een behoefte-onderbouwingsplan in te dienen en aan die uitnodiging geen gevolg is gegeven.
Inhoud
Artikel 3.3
HISTORISCH
Je bekijkt een oudere officiële versie van 15-03-2013.
Deze versie geldt vanaf 15-03-2013.
01-07-2026
Huidig
01-09-2025
Historisch
01-07-2025
Historisch
28-06-2025
Historisch
01-01-2024
Historisch
01-06-2023
Historisch
19-04-2023
Historisch
01-05-2022
Historisch
02-03-2022
Historisch
01-07-2021
Historisch
21-12-2020
Historisch
04-12-2020
Historisch
01-10-2020
Historisch
11-07-2020
Historisch
01-03-2020
Historisch
01-01-2020
Historisch
01-07-2016
Historisch
30-04-2016
Historisch
01-01-2016
Historisch
11-03-2015
Historisch
11-12-2014
Historisch
01-08-2014
Historisch
25-01-2014
Historisch
01-01-2014
Historisch
01-04-2013
Historisch
15-03-2013
Historisch
01-01-2013
Historisch
01-10-2012
Historisch
30-06-2012
Historisch
05-06-2012
Historisch
08-02-2012
Historisch
16-07-2011
Historisch
31-03-2010
Historisch
01-01-2010
Historisch
28-12-2009
Historisch
01-10-2009
Historisch
01-09-2009
Historisch
01-07-2009
Historisch
01-01-2009
Historisch
15-10-2008
Historisch
01-07-2008
Historisch
01-04-2008
Historisch
03-03-2008
Historisch
02-11-2007
Historisch
01-10-2007
Historisch
12-09-2007
Historisch
17-08-2007
Historisch
20-07-2007
Historisch
30-06-2007
Historisch
07-02-2007
Historisch
01-02-2007
Historisch
13-12-2006
Historisch
01-09-2006
Historisch
08-03-2006
Historisch
01-01-2006
Historisch
01-07-2005
Historisch
01-09-2004
Historisch
19-05-2004
Historisch
21-05-2003
Historisch
01-01-2003
Historisch
29-05-2002
Historisch
01-01-2002
Historisch
Vergelijking met vorige versie
Vergeleken met 05-06-2012
Tekst van deze versie
- VoorOp de voorbereiding van het gebruikfrequentieplan en wijzigingen daarvan is afdeling 3.4 van frequentieruimtede isAlgemene wet bestuursrecht van toepassing, met dien verstande dat in aanvulling op artikel 3:15, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, ook een vergunninggebruiker vereisten vaneen Onzeconsument Ministerzijn welkezienswijze opover aanvraaghet ontwerp naar voren kan worden verleend.brengen.
- VergunningenOnze voorMinister hetstelt gebruikgeen vanfrequentieplan frequentieruimteof teneen behoevewijziging vandaarvan vast met betrekking tot de uitvoering van vitale overheidstaken, van het verzorgen van taken ter uitvoering van de publieke mediaopdracht, bedoeld in artikel 2.13.1, vantweede lid, onder b, bedoelde frequentiebanden zonder dat hij de Mediawetbeschikking 2008,heeft of ter uitvoering vanover een wettelijkbehoefte-onderbouwingsplan, voorschriftdat wordenniet langer dan een jaar tevoren bij voorranghem verleend.is Voor zover een vergunning niet krachtens het derde lid dient te worden verleend, bepaalt Onze Minister in overeenstemming met het gevoelen van de ministerraad, in welke omvang ter uitvoering van de publieke mediaopdracht, bedoeld in artikel 2.1 van de Mediawet 2008, vergunningen voor het gebruik van frequentieruimte bij voorrang worden verleend. Bij regeling van Onze Minister, in overeenstemming met Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, wordt bij de vaststelling van de omvang van de frequentieruimte die aan de publieke media-instellingen bij voorrang bij vergunning wordt verleend, bepaald welke technische eigenschappen de uitzendingen van de programma’s van de publieke media-instellingen dienen te hebben.ingediend.
-
BijHet eerste en het verlenentweede lid zijn niet van vergunningentoepassing voor hetzover gebruikde vaststelling van frequentieruimte op het terreinfrequentieplan vanof de publiekewijziging mediaopdracht wordt het navolgende in acht genomen:daarvan:
- voorhet degevolg algemene programmakanalenis van deeen landelijkeverdrag publiekeof mediadienst,een bedoeld in artikel 2.50besluit van de Mediawet 2008, wordt ten minste een vergunningvolkenrechtelijke verleendorganisatie, op zodanige wijze dat een landelijk bereik mogelijk is;of
- voornoodzakelijk iedere provincie wordt aan de media-instelling dieis voor de desbetreffende provincie op grondimplementatie van hoofdstukeen 2,besluit titelvan 2.3,een instelling van de MediawetEuropese 2008 is aangewezen voor de verzorging van de regionale publieke mediadienst voor ten minste één omroepnet voor radio, een vergunning verleend op zodanige wijze, dat een provinciaal bereik mogelijk is;Unie.
- alsHet ineerste eenen provincietweede tweelid ofis meervoorts regionale publieke media-instellingen op grondniet van hoofdstuk 2, titel 2.3, van de Mediawet 2008 zijn aangewezen zal, onverminderd artikel 3.6, aan elk van die media-instellingen vergunning worden verleend voor een bereik dat ten minste gelijk is aan de onderscheidene verzorgingsgebieden,toepassing voor zover dithet technischfrequentieplan mogelijkof is;de wijziging daarvan betrekking heeft op wijzigingen van ondergeschikte aard.
- Het tweede lid is voorts niet van toepassing indien Onze Minister een verzoek heeft gedaan aan iedereOnze lokaleMinister publiekewie media-instellinghet mede aangaat om binnen drie maanden bij hem een behoefte-onderbouwingsplan in te dienen en aan die opuitnodiging grondgeen van hoofdstuk 2, titel 2.3, van de Mediawet 2008gevolg is aangewezen, wordt, onverminderd artikel 3.6, voor ten minste één omroepnet voor radio vergunning verleend voor een bereik dat ten minste gelijk is aan het verzorgingsgebied, voor zover dit technisch mogelijk is, en een doelmatig gebruik van het frequentiespectrum zich daartegen niet verzet.gegeven.
Nog geen automatische verwijzingen.
Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.