Telecommunicatiewet

Inhoud

Artikel 14a.10

HISTORISCH
Deze versie geldt vanaf 02-03-2022.
  1. Onze Minister gelast degene aan wie een verbod op grond van artikel 14a.4 is opgelegd, binnen een door Onze Minister vast te stellen redelijke termijn de zeggenschap in de betrokken partij terug te brengen of te beëindigen zodat niet langer sprake is van overwegende zeggenschap.

  2. Het is degene aan wie een verbod op grond van artikel 14a.4 is opgelegd verboden de zeggenschap bedoeld in dat verbod, of een deel daarvan, over te dragen aan:

    1. een ongewenst persoon,

    2. een persoon aan wie een verbod op grond van artikel 14a.4 is opgelegd,

    3. een persoon die nauwe banden heeft met of onder invloed staat van een persoon als bedoeld onder a of b.

  3. Onze Minister doet mededeling aan de betrokken partij van een opgelegde last als bedoeld in het eerste lid.

  4. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over de wijze waarop en de periode waarbinnen een last als bedoeld in het eerste lid ten uitvoer wordt gelegd.

01-07-2026 Huidig 01-09-2025 Historisch 01-07-2025 Historisch 28-06-2025 Historisch 01-01-2024 Historisch 01-06-2023 Historisch 19-04-2023 Historisch 01-05-2022 Historisch 02-03-2022 Historisch 01-07-2021 Historisch 21-12-2020 Historisch 04-12-2020 Historisch 01-10-2020 Historisch
Voor dit artikel is er geen zichtbare wijziging ten opzichte van 01-10-2020.

Tekst van deze versie

  1. Onze Minister gelast degene aan wie een verbod op grond van artikel 14a.4 is opgelegd, binnen een door Onze Minister vast te stellen redelijke termijn de zeggenschap in de betrokken partij terug te brengen of te beëindigen zodat niet langer sprake is van overwegende zeggenschap.

  2. Het is degene aan wie een verbod op grond van artikel 14a.4 is opgelegd verboden de zeggenschap bedoeld in dat verbod, of een deel daarvan, over te dragen aan:

    1. een ongewenst persoon,

    2. een persoon aan wie een verbod op grond van artikel 14a.4 is opgelegd,

    3. een persoon die nauwe banden heeft met of onder invloed staat van een persoon als bedoeld onder a of b.

  3. Onze Minister doet mededeling aan de betrokken partij van een opgelegde last als bedoeld in het eerste lid.

  4. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over de wijze waarop en de periode waarbinnen een last als bedoeld in het eerste lid ten uitvoer wordt gelegd.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Telecommunicatiewet