Regeling op de advocatuur

Inhoud
Hoofdstuk 1 Definities
Hoofdstuk 2 Financiële bepalingen
Hoofdstuk 3 Stage en beroepsopleiding
Hoofdstuk 4 Vakbekwaamheid
Hoofdstuk 5 Kantoororganisatie
Hoofdstuk 6 Termijn herintreden na schrapping
Hoofdstuk 7 Slotbepalingen
Bijlagen
Bijlage 1a Formulier verzoek tot goedkeuring stage en patroon stagiaire- ondernemer
Bijlage 1b Formulier verzoek tot vrijstelling kantoor te houden bij de patroon en goedkeuring stage en patroon
Bijlage 1c Formulier verzoek tot goedkeuring stage en patroon ‘stage in dienst’ van een werkgever anders dan advocatenkantoor
Bijlage 1d Formulier verzoek tot goedkeuring stage en patroon
Bijlage 1e Formulier verzoek tot wijziging patroon behorend bij artikel 12
Bijlage 2 Kwaliteits- en accreditatiekader beroepsopleiding advocaten
Bijlage 3 Beeldmerk opleidingspunten erkende opleidingsinstellingen
Bijlage 4 Professioneel statuut voor de advocaat in dienstbetrekking
Bijlage 5 Model Statuten stichting derdengelden (algemeen)
Bijlage 6 Model overeenkomst kantoor-stichting derdengelden
Bijlage 7 Modelovereenkomst vrijwaring door de staat beroepsaansprakelijkheid
Bijlage 8 Modellen gemakkelijk fysiek of elektronisch toegankelijk bekendmaken van registratie
Bijlage 9 Lijst van rechtsgebieden per 1 januari 2021
Bijlage 10 Beoordelingscriteria peer review

Artikel 2

HISTORISCH
  1. Voor de financiële bijdrage, bedoeld in artikel 32, tweede lid, van de Advocatenwet, wordt ingedeeld in:

    1. categorie 1 de advocaat die op grond van artikel 1, derde lid, van de Advocatenwet voorwaardelijk op het tableau staat ingeschreven (de advocaat-stagiaire) of die in het lopende jaar onvoorwaardelijk op het tableau wordt ingeschreven;

    2. categorie 2 de advocaat die heeft opgegeven dat diens inkomen in het tweede jaar voorafgaand aan het jaar waarvoor de financiële bijdrage is verschuldigd gelijk was aan dan wel lager was dan € 40.000;

    3. categorie 3 de advocaat die heeft opgegeven dat diens inkomen in het tweede jaar voorafgaand aan het jaar waarvoor de financiële bijdrage is verschuldigd hoger was dan € 40.000 en gelijk aan dan wel lager was dan € 80.000;

    4. categorie 4 de advocaat die heeft opgegeven dat diens inkomen in het tweede jaar voorafgaand aan het jaar waarvoor de financiële bijdrage is verschuldigd hoger was dan € 80.000 en gelijk aan dan wel lager was dan € 120.000;

    5. categorie 5 de advocaat die heeft opgegeven dat diens inkomen in het tweede jaar voorafgaand aan het jaar waarvoor de financiële bijdrage is verschuldigd hoger was dan € 120.000.

  2. Het inkomen, bedoeld in het eerste lid, wordt gelijkgesteld aan het door de Belastingdienst in de basisregistratie inkomen (BRI) geregistreerde inkomen.

  3. De advocaat die buiten Nederland belastingplichtig was doet de in het eerste lid bedoelde opgave op basis van het inkomen waarover in het desbetreffende land belasting is geheven.

01-07-2026 Huidig 01-01-2025 Historisch 01-01-2024 Historisch 01-03-2023 Historisch 01-01-2023 Historisch

Vergelijking met vorige versie

Vergeleken met 01-01-2023

Tekst van deze versie

  1. Een advocaat wordt in categorie 1 ingedeeld voorVoor de financiële bijdrage, bedoeld in artikel 32, tweede lid, van de Advocatenwet.Advocatenwet, wordt ingedeeld in:

    1. Incategorie afwijking1 de advocaat die op grond van het bepaalde in het eerste lid wordt voor de financiële bijdrage, bedoeld in artikel 32,1, tweedederde lid, van de Advocatenwet voorwaardelijk op het tableau staat ingeschreven (de advocaat-stagiaire) of die in categoriehet 2lopende ingedeeld:jaar deonvoorwaardelijk advocaatop diehet tableau wordt ingeschreven;
    2. aantoontcategorie 2 de advocaat die heeft opgegeven dat diens bruto-inkomeninkomen in het tweede jaar voorafgaand aan het desbetreffendejaar jaarwaarvoor de financiële bijdrage is verschuldigd gelijk was aan dan wel lager was dan € 40.000; of
    3. opcategorie 13 januaride vanadvocaat die heeft opgegeven dat diens inkomen in het desbetreffendetweede jaar invoorafgaand totaalaan nog geen driehet jaar opwaarvoor hetde tableaufinanciële stondbijdrage ingeschreven.is verschuldigd hoger was dan € 40.000 en gelijk aan dan wel lager was dan € 80.000;
    4. Een indeling in categorie 2 uitsluitend op grond van het tweede lid, onderdeel b, is niet van toepassing op4 de advocaat die isheeft ingeschrevenopgegeven opdat gronddiens vaninkomen artikelin 1het junctotweede artikeljaar 2avoorafgaand vanaan het jaar waarvoor de Advocatenwet.financiële bijdrage is verschuldigd hoger was dan € 80.000 en gelijk aan dan wel lager was dan € 120.000;
    5. Opcategorie 5 de advocaat die opheeft 1opgegeven januaridat vandiens het desbetreffende jaar op grond van artikel 16h van de Advocatenwet staat ingeschreven, is het bepaaldeinkomen in het eerste en tweede lid,jaar onderdeelvoorafgaand a,aan vanhet overeenkomstigejaar toepassing.waarvoor de financiële bijdrage is verschuldigd hoger was dan € 120.000.
  2. Het inkomen, bedoeld in het eerste lid, wordt gelijkgesteld aan het door de Belastingdienst in de basisregistratie inkomen (BRI) geregistreerde inkomen.
  3. De advocaat die buiten Nederland belastingplichtig was doet de in het eerste lid bedoelde opgave op basis van het inkomen waarover in het desbetreffende land belasting is geheven.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Regeling op de advocatuur