Participatiewet

Inhoud
Hoofdstuk 1 Algemeen
Hoofdstuk 2 Rechten en plichten
Hoofdstuk 3 Algemene bijstand
Hoofdstuk 4 Aanvullende inkomensondersteuning en aanpassing bedragen
Hoofdstuk 5 Uitvoering
Hoofdstuk 6 Bevoegdheden en faciliteiten gemeenten
Hoofdstuk 7 Financiering, toezicht en informatie
Hoofdstuk 7a Overgangsrecht
Hoofdstuk 7b Tegemoetkoming door onze minister in verband met hoge energiekosten
Hoofdstuk 7c Tegemoetkoming in verband met alleenverdienersproblematiek
Hoofdstuk 8 Slotbepalingen

Artikel 45

HISTORISCH
  1. De algemene bijstand wordt per kalendermaand vastgesteld en betaald. In afwijking van de eerste volzin wordt de vakantietoeslag, voorzover niet reeds eerder betaald, jaarlijks betaald in de maand juni over de aan die maand voorafgaande twaalf maanden of zo veel eerder als de vakantietoeslag over deze periode vaststaat, dan wel binnen drie maanden volgend op de maand waarin de algemene bijstand is beëindigd.

  2. Het college kan op grond van artikel 18, eerste lid, besluiten de algemene bijstand over een andere periode als bedoeld in het eerste lid vast te stellen of te betalen.

  3. De algemene bijstand wordt vastgesteld over het deel van de kalendermaand waarover recht op bijstand bestaat, indien de alleenstaande of het gezin voorafgaand aan of volgend op de bijstandsverlening:

    1. gedurende een periode van ten minste 30 dagen geen algemene bijstand ontvangt; of

    2. anderszins geen recht op algemene bijstand heeft.

  4. De algemene bijstand wordt uitbetaald aan ieder van de rechthebbende echtgenoten voor de helft dan wel op hun gezamenlijk verzoek aan een van hen voor het geheel.

  5. Ingeval van overlijden van een van de echtgenoten, van de alleenstaande ouder, van het laatste ten laste komende kind van gehuwden waarvan de leeftijd van een echtgenoot of beide echtgenoten 18, 19 of 20 jaar is, of van het laatste ten laste komende kind van de alleenstaande ouder, wordt de algemene bijstand tot en met één maand na de dag van het overlijden, betaald naar de op het moment van overlijden van toepassing zijnde bijstandsnorm aan de andere echtgenoot, de ten laste komende kinderen, onderscheidenlijk de gewezen alleenstaande ouder.

  6. Bij algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald wanneer de algemene bijstand wordt betaald in de kalendermaand, bedoeld in het eerste lid.

01-07-2026 Huidig 03-04-2026 Historisch 04-02-2026 Historisch 01-01-2026 Historisch
Er is nog geen eerdere of toekomstige officiële versie gevonden om te vergelijken.

Tekst van deze versie

  1. De algemene bijstand wordt per kalendermaand vastgesteld en betaald. In afwijking van de eerste volzin wordt de vakantietoeslag, voorzover niet reeds eerder betaald, jaarlijks betaald in de maand juni over de aan die maand voorafgaande twaalf maanden of zo veel eerder als de vakantietoeslag over deze periode vaststaat, dan wel binnen drie maanden volgend op de maand waarin de algemene bijstand is beëindigd.

  2. Het college kan op grond van artikel 18, eerste lid, besluiten de algemene bijstand over een andere periode als bedoeld in het eerste lid vast te stellen of te betalen.

  3. De algemene bijstand wordt vastgesteld over het deel van de kalendermaand waarover recht op bijstand bestaat, indien de alleenstaande of het gezin voorafgaand aan of volgend op de bijstandsverlening:

    1. gedurende een periode van ten minste 30 dagen geen algemene bijstand ontvangt; of

    2. anderszins geen recht op algemene bijstand heeft.

  4. De algemene bijstand wordt uitbetaald aan ieder van de rechthebbende echtgenoten voor de helft dan wel op hun gezamenlijk verzoek aan een van hen voor het geheel.

  5. Ingeval van overlijden van een van de echtgenoten, van de alleenstaande ouder, van het laatste ten laste komende kind van gehuwden waarvan de leeftijd van een echtgenoot of beide echtgenoten 18, 19 of 20 jaar is, of van het laatste ten laste komende kind van de alleenstaande ouder, wordt de algemene bijstand tot en met één maand na de dag van het overlijden, betaald naar de op het moment van overlijden van toepassing zijnde bijstandsnorm aan de andere echtgenoot, de ten laste komende kinderen, onderscheidenlijk de gewezen alleenstaande ouder.

  6. Bij algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald wanneer de algemene bijstand wordt betaald in de kalendermaand, bedoeld in het eerste lid.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Participatiewet