1. Afdeling 11AA is, met uitzondering van de artikelen 212ha tot en met 212hi, de artikelen 212k tot en met artikel 212n, en de artikelen 212ra tot en met 212rf, van overeenkomstige toepassing op een beleggingsonderneming met zetel in Nederland waaraan een vergunning als bedoeld in artikel 2:96 van de Wet op het financieel toezicht is verleend en, waar van toepassing, op haar bijkantoor in een andere lidstaat, met dien verstande dat voor «De Nederlandsche Bank N.V.» wordt gelezen «de Autoriteit Financiële Markten».

  2. In afwijking van het eerste lid, is afdeling 11AA, met uitzondering van de artikelen 212k, 212ra en 212re van overeenkomstige toepassing op een beleggingsonderneming als bedoeld in artikel 3A:2, onderdeel b, van de Wet op het financieel toezicht met dien verstande dat in artikel 212ha, tweede en derde lid, en artikel 212hb voor «Europese Centrale Bank of De Nederlandsche Bank N.V.» wordt gelezen «de Autoriteit Financiële Markten».

  3. De Autoriteit Financiële Markten trekt de vergunning van een beleggingsonderneming bedoeld in het eerste of tweede lid in, indien deze op het tijdstip van de faillietverklaring nog een vergunning heeft.