Een stuiting kan worden opgeheven:

  1. op dezelfde wijze als waarop zij is geschied;

  2. door een verklaring, in persoon afgelegd ten overstaan van de ambtenaar van de burgerlijke stand, genoemd in het vorige artikel;

  3. door een verklaring, afgelegd ten overstaan van een notaris;

  4. door een in kracht van gewijsde gegane beschikking, gegeven op verzoek van een belanghebbende.