-
Wanneer het vermogen van de minderjarige of een gedeelte daarvan in een onderneming van handel, landbouw of nijverheid is geplaatst, mag de voogd de zaken voor rekening, hetzij van de minderjarige alleen, hetzij van deze met anderen, niet voortzetten dan met machtiging van de kantonrechter.
-
Zonder machtiging van de kantonrechter mag de voogd een boedel, waartoe de minderjarige gerechtigd is, niet onverdeeld laten.
Inhoud
Artikel 351 Burgerlijk Wetboek Boek 1 – Wettekst
Actueel
Officiële wettekst huidige versie
Je bekijkt de officiële wettekst die vandaag geldig is, sinds 05-07-2025.
Historische versies
05-07-2025
Huidig
01-07-2025
Historisch
01-01-2024
Historisch
01-07-2023
Historisch
01-05-2023
Historisch
01-01-2023
Historisch
01-10-2022
Historisch
01-01-2021
Historisch
01-01-2020
Historisch
Tekst van deze versie
-
Wanneer het vermogen van de minderjarige of een gedeelte daarvan in een onderneming van handel, landbouw of nijverheid is geplaatst, mag de voogd de zaken voor rekening, hetzij van de minderjarige alleen, hetzij van deze met anderen, niet voortzetten dan met machtiging van de kantonrechter.
-
Zonder machtiging van de kantonrechter mag de voogd een boedel, waartoe de minderjarige gerechtigd is, niet onverdeeld laten.
Nog geen automatische verwijzingen.
Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.