1. Het is verboden te venten indien daardoor de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid of het milieu in gevaar komt.

  2. Onverminderd het bepaalde in het eerste lid is het verboden te venten op zondagen en maandag tot en met zaterdag tussen 21.00 uur en 8.00 uur.

  3. In afwijking van lid 1 kan het college openbare plaatsen aanwijzen waarbinnen het venten verboden is.

  4. Het college kan ontheffing verlenen van het verbod als bedoeld in het derde lid.

  5. Het verbod in het eerste lid is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door artikel 5 van de Wegenverkeerswet.

  6. Het verbod bedoeld in artikel 5:15, eerste en derde lid, is niet van toepassing op het venten met gedrukte of geschreven stukken waarin gedachten en gevoelens worden geopenbaard.