1. De burgemeester kan de sluiting van een gebouw of locatie bevelen indien daar een bedrijf of bedrijfsmatige activiteiten worden uitgevoerd in strijd met het verbod uit het eerste lid van artikel 2:88.

  2. De burgemeester kan de sluiting van een gebouw of locatie bevelen indien een van de situaties als bedoeld in artikel 2:91, lid 2 sub a tot en met g van toepassing is.

  3. De sluiting wordt door de burgemeester opgeheven indien later bekend geworden feiten en omstandigheden hiertoe aanleiding geven.