1. In deze afdeling wordt verstaan onder:

    1. houtopstand: hakhout, een houtwal of een of meer bomen;

    2. hakhout: een of meer bomen die na te zijn geveld, opnieuw op de stronk uitlopen;

    3. boom: een houtachtig, opgaand gewas, zowel vitaal als afgestorven, met een dwarsdoorsnede van de stam van minimaal veertig centimeter op 1,3 meter hoogte boven het maaiveld;

    4. dunning: velling ter bevordering van het voortbestaan van de houtopstand;

    5. bebouwde kom: de bebouwde kom van de gemeente, vastgesteld ingevolge artikel 1, vijfde lid, van de Boswet of artikel 4.1 lid a. van de Wet natuurbescherming

  2. In deze afdeling wordt onder vellen mede verstaan: rooien, met inbegrip van verplanten, alsmede het verrichten van handelingen die de dood of ernstige beschadiging of ontsiering van houtopstand ten gevolge kunnen hebben.