1. Het is verboden carbid te schieten;

  2. Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet:

    1. indien gebruik wordt gemaakt van maximaal 10 originele (melk)bussen/-containers/opslagvaten met een inhoud van maximaal 40 liter per (melk)bus/container/opslagvat, en/of indien gebruik wordt gemaakt van gasflessen met een inhoud van maximaal 200 liter, mits daarbij geen handelingen worden verricht of nagelaten, waarvan degene die het carbidschieten verricht, weet of redelijkerwijs had kunnen vermoeden dat daardoor gevaren, schade en/of hinder kunnen optreden voor mens, dier en milieu en

    2. het carbidschieten plaatsvindt op 31 december van 10.00 uur tot 1 januari 02.00 uur van het daarop volgende jaar en

    3. degene(n) die carbidschiet(en) 16 jaar of ouder is/zijn en niet onder invloed is/zijn van alcohol en/of drugs;

    4. er uitsluitend gebruik gemaakt wordt van kunststofafsluitingen zoals ballen, plastic zakken en dergelijke.

  3. In aanvulling op hetgeen er in lid 2 gesteld is, geldt dat indien er geschoten gaat worden met (melk)bussen/ containers/ opslagvaten/ gasflessen waarvan de inhoud meer dan 2 liter is, de volgende voorschriften in acht dienen te worden genomen:

    1. de plaats van waar geschoten wordt is gelegen op een afstand van ten minste 100 meter van woonbebouwing of, indien een kleinere afstand wordt gehanteerd, er schriftelijk toestemming is gegeven door de rechtmatige woonbebouwingseigenaren;

    2. op een afstand van ten minste 300 meter van zorginstellingen en van in gebruik zijnde voorzieningen voor het houden van dieren. Indien een kleinere afstand wordt gehanteerd is een schriftelijke toestemming van de rechtmatige eigenaar, of de houder van de dieren, vereist, en

    3. het terrein dient met touwen, linten of anderszins zodanig te worden afgezet dat toeschouwers niet in de nabijheid van de (melk)bussen/containers/opslagvaten en niet in de schietrichting kunnen komen;

    4. er mag niet geschoten worden als er toeschouwers binnen het afgezette terrein aanwezig zijn;

    5. de toeschouwers dienen minimaal op 10 meter afstand van het carbidschieten te worden gehouden;

    6. er dient geschoten te worden in een richting welke tegengesteld is aan de richting waarin de dichtstbijzijnde woonbebouwing is gelegen en de toeschouwers zich bevinden, en

    7. het vrijschootsveld dient minimaal 75 meter te zijn;

    8. in het schootsveld dienen geen verharde openbare wegen of paden liggen;

    9. er mag niet worden geschoten op momenten dat de weggeschoten voorwerpen worden opgehaald (dit is niet van toepassing indien de voorwerpen aan touw verbonden zijn en door middel van dit touw teruggehaald kunnen worden, mits dit terughalen plaatsvindt vanaf de achterzijde van de (melk)bussen/containers/opslagvaten/gasflessen);

    10. indien het carbidschieten na zonsondergang plaatsvindt, dient het schietterrein goed te worden verlicht;

    11. de (melk)bussen/containers/opslagvaten/gasflessen moeten stevig worden verankerd in de bodem of in een frame, of op andere wijze zodat terugslag kan worden voorkomen;

    12. de deksels van de (melk)bussen/containers/opslagvaten/gasflessen mogen niet extra worden verankerd of vastgezet.

  4. Dit artikel is niet van toepassing voor zover de Wet milieubeheer, de Wet wapens en munitie, de Wet vervoer gevaarlijke stoffen of het Wetboek van strafrecht van toepassing zijn.

  5. In voorkomende gevallen kan de burgemeester in afwijking van het gestelde in het tweede lid beslissen.

  6. De burgemeester kan ter voorkoming van gevaar, schade of overlast, of in het belang van dieren, natuurbescherming of het milieu, plaatsen in de gemeente aanwijzen waar het gestelde in het tweede lid niet van toepassing is.