In afwijking van artikel 1.8 kan de vergunning worden geweigerd op grond van:

  1. de natuurwaarde of biodiversiteitswaardevan de houtopstand;

  2. de landschappelijke waarde van de houtopstand;

  3. de cultuurhistorische waarde van de houtopstand;

  4. De beeldbepalende waarde van de houtopstand;

  5. de waarde van de houtopstand voor dorpsschoon.