1. In deze afdeling wordt onder evenement verstaan elke voor publiek toegankelijke verrichting van vermaak, met uitzondering van:

    1. bioscoopvoorstellingen;

    2. markten als bedoeld in artikel 160, eerste lid, onder h, van de Gemeentewet;

    3. kansspelen als bedoeld in de Wet op de kansspelen;

    4. het geven van gelegenheid tot dansen in een inrichting in de zin van de Alcoholwet;

    5. betogingen, samenkomsten en vergaderingen als bedoeld in de Wet openbare manifestaties;

    6. activiteiten als bedoeld in artikel 2:9 en 2:39 van deze verordening;

    7. trouwplechtigheden.

  2. Onder evenement wordt mede verstaan:

    1. een herdenkingsplechtigheid;

    2. een braderie;

    3. een optocht (niet zijnde een betoging als bedoeld in artikel 2:3 van deze verordening);

    4. een feest, muziekvoorstelling of wedstrijd op of aan de weg;

    5. een klein evenement als bedoeld in artikel 2:25a van deze verordening;

    6. vuurwerkevenement;

    7. een door de burgemeester aangewezen categorie vechtsportwedstrijden of gala’s.

  3. Onder organisator wordt verstaan de natuurlijke persoon of de bestuurder van een rechtspersoon of, voor zover van toepassing, de tot vertegenwoordiging van die rechtspersoon bevoegde natuurlijk persoon, voor wiens rekening en risico het evenement wordt georganiseerd;