1. De vergunning of ontheffing kan door het bevoegd gezag of het bevoegde bestuursorgaan worden geweigerd in het belang van:

    1. de openbare orde;

    2. de openbare veiligheid.

  2. Een vergunning of ontheffing kan ook worden geweigerd als de aanvraag daarvoor minder dan 3 weken voor de beoogde datum van de beoogde activiteit is ingediend en daardoor een behoorlijke behandeling van de aanvraag niet mogelijk is, tenzij bij of krachtens deze verordening anders is bepaald;

  3. Een vergunning of ontheffing kan ook worden geweigerd als ter verkrijging daarvan onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt.