Van het in artikel 14, eerste lid, van de Alcoholwet vervatte verbod wordt vrijstelling verleend ten behoeve van proeverijen in slijtlokaliteiten, met dien verstande dat:
proeverijen plaatsvinden buiten de dagen en tijden dat de slijtlokaliteiten regulier zijn opengesteld;
proeverijen voldoen aan de in het Alcoholbesluit voor proeverijen gestelde eisen.
Aan elkaar grenzende ruimten worden als één lokaliteit beschouwd wanneer zij, ofwel verbonden zijn door een permanente wandopening met een hoogte van ten minste 2,20 m van de vloer af gemeten en een breedte van ten minste 2/3¬ van de scheidingswand met een minimum van 2,40 m, ofwel slechts gescheiden zijn door een afscheiding van geringere hoogte dan 1,25 m van de vloer af gemeten.
Aan elkaar grenzende ruimten als bedoeld in lid 1 worden als aparte lokaliteiten beschouwd wanneer deze zijn voorzien van een afsluitbare toegang.