Algemene plaatselijke verordening Venlo / APV Venlo BETA Foutje gevonden? Laatste controle 16-04-2026, laatste wijziging 12-04-2026 (Bron: lokaleregelgeving.overheid.nl).

Inhoud
Hoofdstuk Hoofdstuk 2 Openbare orde
Afdeling Afdeling 8 Toezicht op horecabedrijven
Afdeling Afdeling 11 Maatregelen tegen overlast en baldadigheid
Paragraaf Artikel 2:59 Gevaarlijke honden
Hoofdstuk Hoofdstuk 4 Bescherming van het milieu en het natuurschoon en zorg voor het uiterlijk aanzien van de gemeente
Afdeling Afdeling 1 Geluidhinder en verlichting
Paragraaf Artikel 4:4 Voorwaarden festiviteiten

Artikel 2:34c

vrijstelling ten behoeve van proeverijen in een slijtersbedrijf

Van het in artikel 14, eerste lid, van de Alcoholwet vervatte verbod wordt vrijstelling verleend ten behoeve van proeverijen in slijtlokaliteiten, met dien verstande dat:

  1. proeverijen plaatsvinden buiten de dagen en tijden dat de slijtlokaliteiten regulier zijn opengesteld;

  2. proeverijen voldoen aan de in het Alcoholbesluit voor proeverijen gestelde eisen.

Artikel 2:34d Omschrijving van de horecalokaliteiten in de inrichting

  1. Aan elkaar grenzende ruimten worden als één lokaliteit beschouwd wanneer zij, ofwel verbonden zijn door een permanente wandopening met een hoogte van ten minste 2,20 m van de vloer af gemeten en een breedte van ten minste 2/3¬ van de scheidingswand met een minimum van 2,40 m, ofwel slechts gescheiden zijn door een afscheiding van geringere hoogte dan 1,25 m van de vloer af gemeten.

  2. Aan elkaar grenzende ruimten als bedoeld in lid 1 worden als aparte lokaliteiten beschouwd wanneer deze zijn voorzien van een afsluitbare toegang.

Artikel 2:59a

Gevaarlijke honden op eigen terrein

  1. Het is de eigenaar of houder van een hond verboden deze hond op zijn terrein zonder muilkorf te laten loslopen als de burgemeester een aanlijngebod of een aanlijn- en muilkorfgebod heeft opgelegd als bedoeld in artikel 2:59, eerste lid of heeft meegedeeld dat hij de hond gevaarlijk acht, dan wel als de hond is opgeleid voor bewakings-, opsporings- en verdedigingswerk.

  2. Het in het eerste lid genoemde verbod geldt niet als:

    1. op een vanaf de weg zichtbare plaats een naar het oordeel van de burgemeester duidelijk leesbaar waarschuwingsbord is aangebracht;

    2. het mogelijk is een brievenbus te bereiken en aan te bellen zonder het terrein te betreden; en

    3. het terrein voorzien is van een zodanig hoge en deugdelijke afrastering dat de hond niet zelfstandig buiten het terrein kan komen.

Artikel 4:4a

Onversterkte muziek

  1. Bij het ten gehore brengen van onversterkte muziek, zoals bedoeld in artikel 2.18, eerste lid onder f en vijfde lid onder a van het Besluit is de onder e. opgenomen tabel van toepassing, met dien verstande dat:

    1. de in de tabel aangegeven waarden binnen in- of aanpandige geluidsgevoelige gebouwen niet gelden indien de gebruiker van deze geluidsgevoelige gebouwen geen toestemming geeft voor het in redelijkheid uitvoeren of doen uitvoeren van geluidsmetingen;

    2. de in de tabel aangegeven waarden op de gevel ook gelden bij geluidsgevoelige terreinen op de grens van het terrein;

    3. de waarden in in- en aanpandige geluidsgevoelige gebouwen gelden in geluidsgevoelige ruimten en verblijfsruimten;

    4. bij het bepalen van de geluidsniveaus zoals vermeld in de tabel geen bedrijfsduurcorrectie wordt toegepast.

    5. Tabel:

  2. Indien versterkte elementen worden gecombineerd met onversterkte elementen, wordt het hele samenspel beschouwd als versterkte muziek en is het Besluit van toepassing.

  3. Het eerste lid is niet van toepassing op collectieve en incidentele festiviteiten als bedoeld in artikel 4:2 en artikel 4:3.

← terug naar wetten