1. Openbare inrichtingen zijn gesloten op maandag tot en met zondag tussen 02.00 uur en 07.00 uur (sluitingstijd).

  2. Het is verboden een openbare inrichting voor bezoekers geopend te hebben, of bezoekers in de inrichting te laten verblijven na sluitingstijd (verblijfsperiode).

  3. De burgemeester kan ontheffing verlenen van het in het eerste en tweede lid gestelde verbod.

  4. De burgemeester verleent de ontheffing slechts indien naar zijn oordeel moet worden aangenomen dat de ontheffing de openbare orde of het woon- en leefklimaat in de naaste omgeving van de openbare inrichting niet op ontoelaatbare wijze nadelig beïnvloedt.

  5. Voor een openbare inrichting als bedoeld in artikel 2:28, vierde lid, aanhef en onder a, gelden dezelfde sluitingstijden als voor de winkel.

  6. Het eerste en het derde lid zijn niet van toepassing in die situaties waarin bij of krachtens de Omgevingswet is voorzien.

  7. Op een aanvraag om een ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.