Algemene Plaatselijke Verordening Nederweert 2025 BETA Foutje gevonden? Laatste controle 16-04-2026, laatste wijziging 12-04-2026 (Bron: lokaleregelgeving.overheid.nl).

Inhoud
Hoofdstuk Algemene bepalingen
Hoofdstuk Openbare orde en veiligheid, volksgezondheid en milieu
Afdeling Voorkomen of bestrijden van ongeregeldheden
Afdeling Bruikbaarheid, uiterlijk aanzien en veilig gebruik van openbare plaatsen
Afdeling Evenementen
Afdeling Toezicht op openbare inrichtingen
Afdeling Regulering paracommerciële rechtspersonen en overige aangelegenheden uit de Alcoholwet
Afdeling Toezicht op inrichtingen tot het verschaffen van nachtverblijf
Afdeling Toezicht op speelgelegenheden
Afdeling Maatregelen ter voorkoming vanoverlast, gevaar of schade
Afdeling Bestrijding van heling van goederen
Afdeling Consumentenvuurwerk
Afdeling Drugsoverlast
Afdeling Bijzondere bevoegdheden van de burgemeester
Afdeling Toezicht op huisvestingsvoorzieningen
Hoofdstuk Regulering prostitutie, seksbranche en aanverwante onderwerpen
Hoofdstuk Bescherming van het milieu en het natuurschoon en zorg voor het uiterlijk aanzien van de gemeente
Hoofdstuk Andere onderwerpen betreffende de huishouding van de gemeente
Hoofdstuk Straf-, overgangs- en slotbepalingen

Afdeling

Evenementen

Artikel 2:24

Definities

  1. In deze afdeling wordt onder evenementen verstaan elke voor publiek toegankelijke verrichting van vermaak, met uitzondering van:

    1. Bioscoop- en theatervoorstellingen

    2. markten als bedoeld in artikel 160, eerste lid, aanhef en onder g, van de Gemeentewet en artikel 5:22 van deze verordening;

    3. kansspelen als bedoeld in de Wet op de kansspelen;

    4. het in een inrichting in de zin van de Alcoholwet gelegenheid geven tot dansen;

    5. betogingen, samenkomsten en vergaderingen als bedoeld in de Wet openbare manifestaties;

    6. sportwedstrijden, niet zijnde vechtsportevenementen als bedoeld in het tweede lid, onder f.

  2. Onder evenement wordt mede verstaan:

    1. een herdenkingsplechtigheid;

    2. een braderie;

    3. een optocht op de weg, niet zijnde een betoging als bedoeld in artikel 2:3 van deze verordening, op de weg;

    4. een feest, muziekvoorstelling of wedstrijd op of aan de weg;

    5. een straatfeest of buurtbarbecue en de door de burgemeester aangewezen categorieën evenementen;

    6. een door de burgemeester aangewezen categorie vechtsportwedstrijden of -gala’s.

  3. In deze afdeling wordt onder klein evenement verstaan een eendaags evenement waarbij:

    1. het aantal aanwezigen niet meer bedraagt dan 200 personen;

    2. het evenement tussen 09:00 en 01:00 uur plaats vindt;

    3. geen belangrijke (ontsluitings-)wegen afgesloten hoeven te worden;

    4. slechts kleine objecten worden geplaatst met een oppervlakte van minder dan 10 m2 per object;

    5. er een organisator is.

Artikel 2:25

Evenement

  1. Het is verboden zonder of in afwijking van een vergunning van de burgemeester een evenement te organiseren.

  2. Geen vergunning is vereist voor een klein evenement als:

    de organisator tenminste vier weken voorafgaand aan het evenement daarvan melding heeft gedaan aan de burgemeester door middel van een daartoe door de burgemeester vastgesteld meldingsformulier.

  3. De burgemeester kan aan de melding voorschriften verbinden:

    1. ter regulering van het evenement, die onder meer betrekking kunnen hebben op plaats en tijdstip, technische voorzieningen en verdere inrichting;

    2. in het belang van de veiligheid van personen of goederen;

    3. ter voorkoming van ernstige hinder voor deelnemers en derden op en rondom het terrein waarop het evenement plaats gaat vinden;

    4. in het belang van de openbare orde;

    5. in het belang van de bruikbaarheid van de weg en het doelmatig en veilig gebruik daarvan.

  4. De burgemeester kan binnen twee weken na ontvangst van de melding, als bedoeld in het tweede lid, besluiten een klein evenement te verbieden, als er aanleiding is te vermoeden dat daardoor de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid of het milieu in gevaar komt.

  5. De organisator van het evenement of degene die daarbij de feitelijke leiding heeft, is verplicht:

    1. het evenement onverwijld te beëindigen indien daartoe door namens de burgemeester een bevel gegeven wordt;

    2. ervoor te zorgen dat, nadat het onder a. bedoelde bevel is gegeven, geen deelnemers meer tot het terrein worden toegelaten waarop het evenement plaatsvindt;

    3. ervoor te zorgen dat de aanwijzingen van de buitengewone opsporingsambtenaren, ambtenaren van politie en brandweer stipt en onverwijld worden opgevolgd.

  6. Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8, eerste lid, en in afwijking van het bepaalde in artikel 1:8, tweede lid, kan een vergunning worden geweigerd als de aanvraag niet binnen de in artikel 2:25a, tweede lid, gestelde termijn wordt ingediend en daardoor een behoorlijke behandeling van de aanvraag niet mogelijk is.

  7. De burgmeester kan nadere regels stellen over het organiseren van vergunningsplichtige of meldingsplichtige evenementen.

  8. Het verbod is niet van toepassing op een wedstrijd op of aan de weg, in situaties waarin voorzien wordt artikel 10 juncto 148, van de Wegenverkeerswet 1994.

  9. Het derde lid is niet van toepassing op een krachtens artikel 2:24, tweede lid, aanhef en onder f, aangewezen categorie vechtsportwedstrijden of -gala’s.

  10. Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 kan de burgemeester een vergunning voor een vechtsportevenement als bedoeld in artikel 2:24, tweede lid, aanhef en onder f, weigeren als de organisator of de aanvrager van de vergunning van in enig opzicht van slecht levensgedrag is.

  11. Op de aanvraag om een vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

Artikel 2:25a

Aanvraag vergunning

  1. Elk evenement wordt op basis van een regionale risicoscan ingedeeld in één van de volgende categorieën:

    1. Categorie A: de voor het publiek toegankelijke samenkomst of vermakelijkheid waarbij operationele voorbereiding en uitvoering door één of meer oov-diensten niet noodzakelijk wordt geacht. Dit gelet op de interventiecapaciteit van de organisator van dat evenement bij een (dreigende) aantasting van de openbare orde en veiligheid.

    2. Categorie B: de voor het publiek toegankelijke samenkomst of vermakelijkheid waarbij operationele voorbereiding en uitvoering door één of meer oov-diensten voorspelbaar worden geacht. Dit gelet op de interventiecapaciteit en risico’s van de organisatoren van dat evenement bij een (dreigende) aantasting van de openbare orde en veiligheid.

    3. Categorie C: de voor het publiek toegankelijke samenkomst of vermakelijkheid waarbij operationele voorbereiding en uitvoering door één of meer oov-diensten noodzakelijk worden geacht. Dit gelet op de interventiecapaciteit en risico’s van de organisatoren van dat evenement bij een (dreigende) aantasting van de openbare orde en veiligheid.

  2. De termijn voor het indienen van een aanvraag is:

    1. minimaal 8 weken voor aanvang van een evenement uit categorie A

    2. minimaal 14 weken voor aanvang van een evenement uit categorie B.

    3. minimaal 26 weken voor aanvang van een evenement uit categorie C.

  3. Een aanvraag voor een evenementenvergunning wordt ingediend door middel van het daarvoor bestemde formulier.

  4. Bij de indiening van een aanvraag worden de gegevens, vermeld in artikel 2.3 van het Besluit brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen, aangeleverd voor zover voor het evenement een gebruiksmelding zou moeten worden gedaan op grond van artikel 2:1, eerste lid, van dat Besluit.

Artikel 2:26

Ordeverstoring

  1. Het is verboden bij een evenement de orde te verstoren.

  2. Het is verboden bij een evenement zichtbaar goederen te dragen, bij zich te hebben of te vervoeren die uiterlijke kenmerken zijn van een organisatie die bij rechterlijke uitspraak of bestuurlijk besluit verboden is verklaard of is ontbonden vanwege een doel of werkzaamheid in strijd met de openbare orde.

  3. Het is verboden enig gereedschap, voorwerp of middel te vervoeren of bij zich te hebben met de kennelijke bedoeling daarmee bij een evenement de orde te verstoren.

  4. Het verbod in het tweede lid geldt niet voor zover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door het Wetboek van Strafrecht.

← terug naar Algemene Plaatselijke Verordening Nederweert 2025