1. Degene die buiten een inrichting de zorg heeft voor een dier, voorkomt dat dit voor een omwonende of overigens voor de omgeving ernstige en herhaaldelijke geluidhinder veroorzaakt.

  2. Van ernstige en herhaaldelijke geluidshinder is sprake als de maximale geluidsnormen (LAmax) uit de tabel opgenomen in artikel 4:5 tweede lid APV dagelijks herhaaldelijk worden overschreden.