1. Het is verboden om tussen 31 december 18:00 uur en 1 januari 02.00 uur van het daarop volgende jaar consumentenvuurwerk tot ontbranding te brengen.

  2. Het verbod is niet van toepassing op vuurwerk dat zeer weinig gevaar en een te verwaarlozen geluidsniveau oplevert en bestemd is voor gebruik in een besloten ruimte, inclusief vuurwerk dat bestemd is voor

    gebruik binnenshuis (zgn. fop- en schertsvuurwerk zoals omschreven in categorie F1 van artikel 1A.1.3, derde lid, aanhef en onder a, van het Vuurwerkbesluit).

  3. Het verbod is voorts niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door artikel 429, aanhef en onder 1˚, van het Wetboek van Strafrecht.

  4. De burgemeester kan voor een professionele vuurwerkshow, onder het stellen van voorwaarden, ontheffing verlenen van het verbod.