Het is verboden in de openlucht afvalstoffen te verbranden buiten inrichtingen in de zin van de Wet milieubeheer, zoals die wet luidde direct voorafgaand aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet, of anderszins vuur aan te leggen, te stoken of te hebben.
Mits er geen sprake is van gevaar, overlast of hinder voor de omgeving, is het verbod niet van toepassing op:
verlichting door middel van kaarsen, fakkels en dergelijke;
sfeervuren zoals terrashaarden en vuurkorven, indien geen afvalstoffen worden verbrand en er, indien de wet Bodembescherming dit vereist, afdoende bodembeschermende maatregelen getroffen worden;
vuur voor koken, bakken en braden en er, indien de wet Bodembescherming dit vereist, afdoende bodembeschermende maatregelen getroffen worden;
Het college kan van dit verbod ontheffing verlenen.
Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 kan de ontheffing worden geweigerd ter bescherming van de flora en fauna.
Het verbod is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door artikel 429, aanhef en onder 1 of 3, van het Wetboek van Strafrecht, bij of krachtens de Omgevingswet.
Algemene Plaatselijke Verordening Midden-Groningen 2025 BETA Foutje gevonden? Laatste controle 16-04-2026, laatste wijziging 12-04-2026 (Bron: lokaleregelgeving.overheid.nl).
Inhoud
HOOFDSTUK | ALGEMENE BEPALINGEN
HOOFDSTUK | OPENBARE ORDE EN VEILIGHEID, VOLKSGEZONDHEID EN MILIEU
Paragraaf AFDELING 1. VOORKOMEN OF BESTRIJDEN VAN ONGEREGELDHEDEN
Paragraaf AFDELING 2. BRUIKBAARHEID, UITERLIJK AANZIEN EN VEILIG GEBRUIK VAN OPENBARE PLAATSEN
Paragraaf AFDELING 3. EVENEMENTEN
Paragraaf AFDELING 4. TOEZICHT OP OPENBARE INRICHTINGEN
Paragraaf AFDELING 5. TOEZICHT OP INRICHTINGEN TOT HET VERSCHAFFEN VAN NACHTVERBLIJF
Paragraaf AFDELING 6. TOEZICHT OP SPEELGELEGENHEDEN
Paragraaf AFDELING 7. MAATREGELEN TER VOORKOMING VAN OVERLAST, GEVAAR OF SCHADE
- Artikel 2:41
- Artikel 2:42
- Artikel 2:43
- Artikel 2:44
- Artikel 2:45
- Artikel 2:46
- Artikel 2:47
- Artikel 2:48
- Artikel 2:48a
- Artikel 2:49
- Artikel 2:50
- Artikel 2:50a
- Artikel 2:51
- Artikel 2:52
- Artikel 2:53
- Artikel 2:54
- Artikel 2:55
- Artikel 2:56
- Artikel 2:57
- Artikel 2:58
- Artikel 2:59
- Artikel 2:59a
- Artikel 2:60
- Artikel 2:61
- Artikel 2:62
- Artikel 2:63
- Artikel 2:64
- Artikel 2:65
Paragraaf AFDELING 8. BESTRIJDING VAN HELING VAN GOEDEREN
Paragraaf AFDELING 9. CONSUMENTENVUURWERK
Paragraaf AFDELING 10. DRUGSOVERLAST
Paragraaf AFDELING 11. BIJZONDERE BEVOEGDHEDEN VAN DE BURGEMEESTER
HOOFDSTUK | REGULERING PROSTITUTIE, SEKSBRANCHE EN AANVERWANTE ONDERWERPEN
HOOFDSTUK | BESCHERMING VAN HET MILIEU EN HET NATUURSCHOON EN ZORG VOOR HET UITERLIJK AANZIEN VAN DE GEMEENTE
Paragraaf AFDELING 1. VOORKOMEN OF BEPERKEN GELUIDHINDER EN HINDER DOOR VERLICHTING
Paragraaf AFDELING 2. BODEM-, WEG- EN MILIEUVERONTREINIGING
Paragraaf AFDELING 3. HOUTOPSTANDEN
Paragraaf AFDELING 4. MAATREGELEN TEGEN ONTSIERING EN STANKOVERLAST
Paragraaf AFDELING 5. KAMPEREN BUITEN KAMPEERTERREINEN
HOOFDSTUK | ANDERE ONDERWERPEN BETREFFENDE DE HUISHOUDING VAN DE GEMEENTE
Paragraaf AFDELING 1. PARKEEREXCESSEN EN STOPVERBOD
Paragraaf AFDELING 2. COLLECTEREN
Paragraaf AFDELING 3. VENTEN
Paragraaf AFDELING 4. STANDPLAATSEN
Paragraaf AFDELING 5. SNUFFELMARKTEN
Paragraaf AFDELING 6. OPENBAAR WATER EN WATERSTAATSWERKEN
Paragraaf AFDELING 7. CROSSTERREINEN EN GEMOTORISEERD EN RUITERVERKEER IN NATUURGEBIEDEN
Paragraaf AFDELING 8. VUURVERBOD
Paragraaf AFDELING 8A. CARBIDSCHIETEN
Paragraaf AFDELING 9. ASVERSTROOIING
HOOFDSTUK | STRAF-, OVERGANGS- EN SLOTBEPALINGEN
Paragraaf
Artikel 5:34a
Verbod vervoeren brandbaar afval oud en nieuw
Het is verboden om op 31 december vanaf 15:00 uur tot 1 januari 12:00 uur brandbaar afvalmateriaal over de weg te vervoeren, bij zich te dragen of anderszins voorhanden te hebben met het kennelijke doel deze op de weg of een openbare plaats te (doen laten) verbranden. Onder brandbaar afvalmateriaal worden mede begrepen bankstellen, fauteuils, stoelen en overige huisraad, houten kratten, pallets, kisten, kerstbomen, en autobanden.
De politie en/of de gemeentelijke handhavers hebben de bevoegdheid om in de genoemde periode vervoerde afvalmaterialen als bedoeld in lid 1, met inbegrip van het vervoermiddel waarin of waarop deze zich bevinden, in beslag te nemen en te houden tot uiterlijk 12:00 uur van de eerst daaropvolgende werkdag. Na dit tijdstip mogen op last van de politie of toezichthouder de niet-afgehaalde materialen worden vernietigd.
Het verbod in lid 1 geldt niet als ter plaatse en naar bevredigend oordeel van een ambtenaar van de politie of toezichthouder van de gemeente wordt aangetoond, dat het vervoer en/of de aanwezigheid van de genoemde voorwerpen en stoffen gebeurt voor andere handelingen of voor een ander doel dan in lid 1 is genoemd.