1. Bij de aanvraag worden in ieder geval de volgende gegevens en bescheiden overgelegd:

    1. de persoonsgegevens van de exploitant;

    2. het nummer van inschrijving in het handelsregister bij de Kamer van Koophandel;

    3. voor welke activiteit(en) vergunning wordt gevraagd;

    4. of in de vijf jaar voorafgaand aan de aanvraag de exploitant een vergunning voor een seksbedrijf is geweigerd of een aan de exploitant verleende vergunning voor een seksbedrijf is ingetrokken;

    5. het adres waar het seksbedrijf wordt uitgeoefend;

    6. het adres van een onder het seksbedrijf vallende seksinrichting;

    7. het vaste telefoonnummer dat in advertenties voor het seksbedrijf zal worden gebruikt;

    8. een geldig identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht van de exploitant en leidinggevende;

    9. voor zover van toepassing, de verblijfstitel van de exploitant;

    10. een actuele verklaring betalingsgedrag nakoming fiscale verplichtingen, verstrekt door de Belastingdienst;

    11. bewijs waaruit blijkt dat de exploitant gerechtigd is tot het gebruik van de ruimtes bestemd voor de uitoefening van het seksbedrijf;

    12. voor zover van toepassing, de plattegrond van de seksinrichting waarvoor vergunning wordt aangevraagd, door middel van een tekening met een schaalaanduiding;

    13. voor zover van toepassing, het bedrijfsplan als bedoeld in artikel 3:14.

  2. Als een leidinggevende is aangesteld is het tweede lid, onder a, b, d, h en i, van overeenkomstige toepassing op de leidinggevende.

  3. Het bevoegde bestuursorgaan kan aanvullende gegevens of bescheiden verlangen.