1. Openbare inrichtingen zijn gesloten op maandagavond (maandag op dinsdag), dinsdagavond (dinsdag op woensdag) woensdagavond (woensdag op donderdag) en donderdagavond (donderdag op vrijdag) tussen 02.00 uur en 07.00 uur, en vrijdagavond (vrijdag op zaterdag) zaterdagavond (zaterdag op zondag) en zondagavond (zondag op maandag) tussen 03.00 uur en 07.00 uur (sluitingstijd).

  2. In afwijking van het eerste lid zijn openbare inrichtingen gesloten tussen 03.00 uur en 07.00 uur

    1. in de nacht volgend op 31 december

    2. tijdens het traditionele Oud Wijvenbal

    3. in de nacht volgend op de maandag van carnaval

    4. in de nacht voorafgaand aan de dag waarop de verjaardag van de koning wordt gevierd

    5. in de nacht volgend op de dag waarop de bevrijding wordt gevierd

    6. in de nachten direct volgend op de Paradedagen

    7. in de nachten direct volgend op de dagen dat het oktoberfeest plaats vindt, als deze nachten vallen op een maandagavond, dinsdagavond, woensdagavond of donderdagavond.

  3. De burgemeester kan in afwijking van lid 1 en 2 plaatsen aanwijzen waar voor de terrassen afwijkende sluitingstijden gelden.

  4. Het is verboden een openbare inrichting voor bezoekers geopend te hebben of bezoekers in de inrichting te laten verblijven na sluitingstijd.

  5. De burgemeester kan ontheffing verlenen van de sluitingstijd.

  6. Voor een openbare inrichting als bedoeld in artikel 2:28a, tweede lid, gelden dezelfde sluitingstijden als voor de winkel.

  7. Het eerste, tweede en vierde lid zijn niet van toepassing op situaties waarin bij of krachtens de Wet milieubeheer is voorzien.

  8. Op de aanvraag van een ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.