-
In deze afdeling wordt onder openbare inrichting verstaan een hotel, camping of recreatiepark, restaurant, pension, café, waterpijpcafé, cafetaria, snackbar, ijssalon, discotheek, buurthuis of clubhuis of elke andere voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was logies wordt verstrekt of dranken worden geschonken of rookwaren of spijzen voor directe consumptie ter plaatse worden bereid of verstrekt.
-
Een buiten de in het eerste lid bedoelde besloten ruimte liggend deel waar sta- of zitgelegenheid kan worden geboden en waar tegen vergoeding dranken kunnen worden geschonken of spijzen voor directe consumptie ter plaatse kunnen worden bereid of verstrekt, waaronder in ieder geval een terras, maakt voor de toepassing van deze afdeling deel uit van die besloten ruimte.
-
In deze afdeling wordt onder ondersteunende horeca verstaan: een openbare inrichting die geen (planologische) hoofdbestemming horeca heeft, waar dranken worden geschonken en/of (kleine) spijzen voor directe consumptie ter plaatse worden verstrekt of bereid en waarvoor betaald moet worden. De horecafunctie dient ondersteunend en ondergeschikt te zijn aan de hoofdactiviteit;
-
In deze afdeling wordt onder ondersteunend verstaan: de horecafunctie mag niet los plaatsvinden van de hoofdactiviteit;
-
In deze afdeling wordt onder ondergeschikt verstaan: de horecafunctie binnen de inrichting beslaat maximaal 30% van het totale overdekte en omsloten bruto vloeroppervlakte van de hoofdactiviteit. Ondersteunende ruimten, zoals het sanitair, de keuken en het terras worden tot de horecafunctie gerekend.
Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Bladel 2025 BETA Foutje gevonden? Laatste controle 16-04-2026, laatste wijziging 12-04-2026 (Bron: lokaleregelgeving.overheid.nl).
Inhoud
Hoofdstuk Algemene bepalingen
Hoofdstuk Openbare orde en veiligheid, volksgezondheid en milieu
Afdeling Voorkomen of bestrijden van ongeregeldheden
Afdeling Bruikbaarheid, uiterlijk aanzien en veilig gebruik van openbare plaatsen
Afdeling Evenementen
Afdeling Toezicht op openbare inrichtingen
Afdeling Regulering paracommerciële rechtspersonen en overige aangelegenheden uit de Alcoholwet
Afdeling Toezicht op inrichtingen tot het verschaffen van nachtverblijf
Afdeling Toezicht op speelgelegenheden
Afdeling Toezicht op bedrijven
Afdeling Maatregelen ter voorkoming van overlast, gevaar of schade
- Artikel 2:41
- Artikel 2:41a
- Artikel 2:42
- Artikel 2:43
- Artikel 2:44
- Artikel 2:45
- Artikel 2:46
- Artikel 2:47
- Artikel 2:48
- Artikel 2:48a
- Artikel 2:49
- Artikel 2:50
- Artikel 2:50a
- Artikel 2:50b
- Artikel 2:50c
- Artikel 2:51
- Artikel 2:52
- Artikel 2:53
- Artikel 2:54
- Artikel 2:54a
- Artikel 2:55
- Artikel 2:56
- Artikel 2:57
- Artikel 2:58
- Artikel 2:58a
- Artikel 2:59
- Artikel 2:59a
- Artikel 2:60
- Artikel 2:61
- Artikel 2:62
- Artikel 2:63
- Artikel 2:64
- Artikel 2:65
Afdeling Bestrijding van heling van goederen
Afdeling Consumentenvuurwerk en Carbidschieten
Afdeling Drugsoverlast
Afdeling Bijzondere bevoegdheden van de burgemeester
Hoofdstuk Regulering prostitutie, seksbranche en aanverwante onderwerpen
Hoofdstuk Bescherming van het milieu en het natuurschoon en zorg voor het uiterlijk aanzien van de gemeente
Hoofdstuk Andere onderwerpen betreffende de huishouding van de gemeente
Hoofdstuk Sanctie-, overgangs- en slotbepalingen
Afdeling
Artikel 2:28
Exploitatie openbare inrichting
-
Het is verboden een openbare inrichting te exploiteren zonder vergunning van de burgemeester.
-
De burgemeester weigert de vergunning als de exploitatie van de openbare inrichting in strijd is met een geldend bestemmingsplan, beheersverordening, exploitatieplan of voorbereidingsbesluit.
-
Aanvullend op de in artikel 1:8 genoemde weigeringsgronden kan de burgemeester de vergunning ook geheel of gedeeltelijk weigeren als naar zijn oordeel moet worden aangenomen dat:
de woon- of leefsituatie in de omgeving van de openbare inrichting of de openbare orde op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed; of
de exploitant of de leidinggevende in enig opzicht van slecht levensgedrag is.
-
Geen vergunning is vereist voor een openbare inrichting die zich bevindt in een:
winkel als bedoeld in artikel 1 van de Winkeltijdenwet voor zover de activiteiten van de openbare inrichting een nevenactiviteit vormen van de winkelactiviteit;
zorginstelling;
museum; of
bedrijfskantine of -restaurant.
-
De burgemeester kan aan door hem aangewezen categorieën van de openbare inrichtingen ambtshalve vrijstelling verlenen van het verbod genoemd in het eerste lid.
Artikel 2:29
Sluitingstijd
-
Reguliere openbare inrichtingen (hoofdbestemming inrichting is horeca) zijn gesloten:
van maandag tot en met vrijdag tussen 01.00 uur en 08.00;
op zaterdag en zondag tussen 02.00 uur en 08.00 uur;
tijdens carnaval op zondag, maandag en dinsdag tussen 03.00 uur en 08.00 uur;
tijdens de kermis in het dorp waar deze plaatsvindt op zondag, maandag en dinsdag tussen 03.00 uur en 08.00 uur;
op 2e Paasdag, de vrijdag na Hemelvaart, 2e Pinksterdag, 1e en 2e Kerstdag tussen 02.00 uur en 08.00 uur;
op Koningsdag tussen 03.00 uur en 08.00 uur.
-
Op nieuwjaarsdag geldt géén sluitingstijd.
-
Openbare inrichtingen gevestigd in een gemeenschapshuis/multifunctionele accommodatie (horeca-functie is ondergeschikt of ondersteunend aan hoofdbestemming inrichting) zijn gesloten:
van maandag tot en met vrijdag tussen 01.00 uur en 08.00;
op zaterdag en zondag tussen 02.00 uur en 08.00 uur;
tijdens carnaval op zondag, maandag en dinsdag tussen 03.00 uur en 08.00 uur;
tijdens de kermis in het kerkdorp waar deze plaatsvindt op zondag, maandag en dinsdag tussen 03.00 uur en 08.00 uur;
op 2e Paasdag, de vrijdag na Hemelvaart, 2e Pinksterdag en 2e Kerstdag tussen 02.00 uur en 08.00 uur;
op Koningsdag tussen 03.00 uur en 08.00 uur.
-
Overige openbare inrichtingen (horecafunctie is ondergeschikt en ondersteunend aan hoofdbestemming inrichting) zijn op alle dagen van de week gesloten tussen 01.00 uur en 08.00 uur.
-
Het is verboden een openbare inrichting voor bezoekers geopend te hebben, of bezoekers in de inrichting te laten verblijven na sluitingstijd.
-
De burgemeester kan ontheffing verlenen van de sluitingstijd.
-
Voor een openbare inrichting als bedoeld in artikel 2:28, vierde lid aanhef en onder a, gelden dezelfde sluitingstijden als voor de winkel.
-
Het eerste tot en met het vierde lid zijn niet van toepassing in die situaties waarin bij of krachtens de Wet milieubeheer is voorzien.
-
De burgemeester kan andere sluitingstijden aanwijzen.
Artikel 2:30
Afwijking sluitingstijd; tijdelijke sluiting
-
De burgemeester kan in het belang van de openbare orde, veiligheid of gezondheid of in geval van bijzondere omstandigheden voor een of meer openbare inrichtingen tijdelijk andere sluitingstijden vaststellen of tijdelijk sluiting bevelen.
-
Het eerste lid is niet van toepassing op situaties waarin artikel 13b van de Opiumwet voorziet.
Artikel 2:31
Verboden gedragingen binnen openbare inrichtingen
Het is verboden in een openbare inrichting:
de orde te verstoren;
zich te bevinden na sluitingstijd, tenzij het personeel betreft, of gedurende de tijd dat de inrichting gesloten dient te zijn op grond van een besluit krachtens artikel 2:30, eerste lid;
op het terras spijzen of dranken te verstrekken aan personen die geen gebruik maken van het terras.
Artikel 2:32
Handel binnen openbare inrichtingen
De exploitant van een openbare inrichting staat niet toe dat een handelaar, aangewezen bij algemene maatregel van bestuur op grond van artikel 437, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht, of een voor hem handelend persoon in die inrichting enig voorwerp verwerft, verkoopt of op enige andere wijze overdraagt.
Artikel 2:33
Het college als bevoegd bestuursorgaan
Als een openbare inrichting geen voor het publiek openstaand gebouw of bijbehorend erf is in de zin van artikel 174 van de Gemeentewet, treedt het college bij de toepassing van de artikelen 2:28 tot en met 2:30 op als bevoegd bestuursorgaan.