1. Het is verboden buiten een inrichting op een zodanige wijze toestellen of geluidsapparaten in werking te hebben of handelingen te verrichten dat voor een omwonende en/of voor de omgeving geluidhinder wordt veroorzaakt of een ernstig risico bestaat op letsel en/of ander vormen van gehoorschade.

  2. Het college kan ontheffing verlenen van het verbod.

  3. Het college kan nadere regels vaststellen om geluidhinder en letsel en/of andere vormen van gehoorschade, bedoeld in het eerste lid, te voorkomen.

  4. Het verbod is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door de Wet geluidhinder, de Zondagswet, de Wet openbare manifestaties, het Vuurwerkbesluit, het Activiteitenbesluit milieubeheer, het Bouwbesluit 2012 of de Provinciale milieuverordening.