1. Paracommerciële rechtspersonen mogen alcoholhoudende drank verstrekken tijdens per jaar ten hoogste 6 bijeenkomsten die gericht zijn op activiteiten die niet of niet rechtstreeks passen binnen de statutaire doelomschrijving van de desbetreffende paracommerciële rechtspersoon, niet zijnde bijeenkomsten van persoonlijke aard, zoals bruiloften en partijen, en tijdens de statutaire algemene ledenvergadering, echter nooit langer dan het in deze verordening aangegeven algemeen geldend sluitingsuur voor horecabedrijven.

  2. Paracommerciële rechtspersonen mogen alcoholhoudende drank verstrekken, langer dan het inArtikel 2:34a bepaalde sluitingsuur, tijdens per jaar ten hoogste 2 wedstrijden op zaterdag, welke op eigen verzoek van de paracommerciële rechtspersoon worden gehouden, echter niet langer dan 2,5 uur na beëindiging van de wedstrijd.

  3. Paracommerciële rechtspersonen mogen alcoholhoudende drank verstrekken, langer dan het inArtikel 2:34a bepaalde sluitingsuur tijdens wedstrijden op vrijdag, zaterdag en zondag, welke door het betreffende bondsbestuur van de paracommerciële rechtspersoon dwingend zijn bepaald, echter niet langer dan 2,5 uur na beëindiging van de wedstrijd.

  4. De paracommerciële rechtspersoon doet uiterlijk 14 dagen vóór een bijeenkomst of wedstrijd als bedoeld in de voornoemde leden hiervan melding aan de burgemeester.