1. Het is verboden zich zonder redelijk doel:

    1. in een portiek, poort of onder een overkapping op te houden;

    2. in, op of tegen een raamkozijn of een drempel van een gebouw te zitten of te liggen;

    3. op te houden op het terrein van een school, bedrijf of instelling buiten de schooltijd of werktijd van het bedrijf of de instelling.

  2. Het is aan anderen dan bewoners of gebruikers van flatgebouwen, appartementsgebouwen en soortgelijke meergezinshuizen en van gebouwen die voor publiek toegankelijk zijn, verboden zich zonder redelijk doel te bevinden in een voor gemeenschappelijk gebruik bestemde ruimte van zo'n gebouw.