-
De ambtenaar, bij of krachtens de Vreemdelingenwet 2000 belast met de grensbewaking of met het toezicht op vreemdelingen, kan een vreemdeling bij diens uitzetting per luchtvaartuig met hulpmiddelen ten behoeve van uitzetting in zijn bewegingsvrijheid beperken, ten behoeve van een goed verloop van de uitzetting.
-
De maatregel, bedoeld in het eerste lid, kan slechts worden getroffen indien:
de feiten of omstandigheden dit redelijkerwijs vereisen met het oog op gevaar voor ontvluchting, dan wel met het oog op gevaar voor de veiligheid of het leven van de vreemdeling, van de ambtenaar of van derden, dan wel met het oog op gevaar voor een ernstige verstoring van de openbare orde, en
de toepassing van het hulpmiddel redelijkerwijs geen gevaar kan opleveren voor de gezondheid van de vreemdeling.
-
Indien de ambtenaar, bedoeld in het eerste lid, onder leiding van een ter plaatse aanwezige meerdere optreedt, zal hij geen gebruik maken van hulpmiddelen ten behoeve van uitzetting dan na uitdrukkelijke last van deze meerdere. De meerdere geeft daarbij aan van welk hulpmiddel gebruik wordt gemaakt.
-
Het gebruik van een hulpmiddel ten behoeve van uitzetting is uitsluitend toegestaan aan een ambtenaar die in het gebruik van dat hulpmiddel is geoefend.
Inhoud
Hoofdstuk 1 Algemeen
Hoofdstuk 2 Geweld
Hoofdstuk 3 Veiligheids- en vervoersfouillering
Hoofdstuk 4 Vrijheidsbeperkende middelen en hulpmiddelen
Hoofdstuk 5 Hulpverlening
Hoofdstuk 6 Maatregelen jegens ingeslotenen
Hoofdstuk 6a Ambtenaar van een bijzondere opsporingsdienst
Hoofdstuk 7 Buitengewoon opsporingsambtenaar
Hoofdstuk 8 Slotbepalingen
Artikel 23a
Actueel
Nog geen automatische verwijzingen.
Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.