-
Het inzetten van een politie-surveillancehond is slechts geoorloofd onder het direct en voortdurend toezicht van een geleider bij:
de surveillancedienst, en
het optreden van een mobiele eenheid als bedoeld in artikel 26 van het Besluit beheer politie na toestemming van het bevoegd gezag.
-
Het inzetten van een AOT-hond is slechts geoorloofd onder het direct en voortdurend toezicht van een geleider bij het, na toestemming van het bevoegd gezag, optreden van een aanhoudings- en ondersteuningsteam als bedoeld in artikel 11, onder a, van het Besluit beheer politie of een bijstandseenheid als bedoeld in , artikel 59 van de Politiewet 2012.
-
De geleider dient in het bezit te zijn van een krachtens artikel 22 van de Politiewet 2012 vastgesteld certificaat.
Inhoud
Artikel 15 Ambtsinstructie voor de politie, de Koninklijke marechaussee en andere opsporingsambtenaren – Wettekst
Officiële wettekst historische versie
Historische versies
Tekst van deze versie
-
Het inzetten van een politie-surveillancehond is slechts geoorloofd onder het direct en voortdurend toezicht van een geleider bij:
de surveillancedienst, en
het optreden van een mobiele eenheid als bedoeld in artikel 26 van het Besluit beheer politie na toestemming van het bevoegd gezag.
-
Het inzetten van een AOT-hond is slechts geoorloofd onder het direct en voortdurend toezicht van een geleider bij het, na toestemming van het bevoegd gezag, optreden van een aanhoudings- en ondersteuningsteam als bedoeld in artikel 11, onder a, van het Besluit beheer politie of een bijstandseenheid als bedoeld in , artikel 59 van de Politiewet 2012.
-
De geleider dient in het bezit te zijn van een krachtens artikel 22 van de Politiewet 2012 vastgesteld certificaat.
Nog geen automatische verwijzingen.