-
De verzekering behoeft niet te dekken de aansprakelijkheid voor schade toegebracht aan de bestuurder van het motorrijtuig dat het ongeval veroorzaakt.
-
Indien het een verzekering als bedoeld in artikel 3a betreft, dient de verzekering tevens te dekken de aansprakelijkheid, bedoeld in de eerste afdeling van de veertiende titel van Boek 8 van het Burgerlijk Wetboek, voor schade, toegebracht aan de bestuurder van het motorrijtuig aan boord waarvan zich de gevaarlijke stof bevindt die de gebeurtenis heeft veroorzaakt, indien die bestuurder uit hoofde van een arbeidsverhouding met de verzekeringsplichtige het motorrijtuig bestuurde, tenzij de verzekeringsplichtige een vennootschap onder firma, een besloten vennootschap of een naamloze vennootschap is waaraan de bestuurder van het motorrijtuig zelf leiding geeft.
-
Van de verzekering kan worden uitgesloten de schade die voortvloeit uit het deelnemen van het motorrijtuig aan snelheids-, regelmatigheids- of behendigheidsritten en -wedstrijden, die plaatsvinden in een beperkt en afgebakend gebied en waarvoor de in artikel 148 van de Wegenverkeerswet 1994 bedoelde ontheffing is verleend.
Inhoud
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
Hoofdstuk 2 Vrijstellingen
Hoofdstuk 3 Verzekerde sommen
Hoofdstuk 4 Het Waarborgfonds Motorverkeer
Hoofdstuk 4a Het Informatiecentrum
Hoofdstuk 4b Het Schadevergoedingsorgaan
Hoofdstuk 5 Gevolgen van het intrekken van de vergunning of het opleggen van een verbod ter zake van acquisitie
Hoofdstuk 6 Verbods- en strafbepalingen
Hoofdstuk 7 Slotbepalingen
Artikel 4
Actueel
Nog geen automatische verwijzingen.
Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.