1. De schorsing wordt op aanvraag van de eigenaar of houder door de Dienst Wegverkeer opgeheven.

  2. De aanvraag van opheffing van de schorsing dient te geschieden overeenkomstig bij algemene maatregel van bestuur vastgestelde regels.

  3. Bij ministeriële regeling worden nadere regels vastgesteld omtrent het krachtens het tweede lid bepaalde.