Voorzieningenstelsel buitenland defensiepersoneel

Inhoud

Artikel 5

HISTORISCH
  1. De plaatsing van de defensie-ambtenaar en het verblijf van een of meer gezinsleden in een gebied buiten Nederland vangen aan op de dag van aankomst bij een grensstation of -overgang, in de eerste haven of op het eerste vliegveld aldaar.

  2. Onverminderd het derde tot en met het zesde lid eindigen de plaatsing van de defensie-ambtenaar en het verblijf van een of meer gezinsleden in een gebied buiten Nederland op de dag van vertrek van een grensstation of -overgang, uit de laatste haven of van het laatste vliegveld aldaar.

  3. De plaatsing van de defensie-ambtenaar in een gebied buiten Nederland eindigt, indien hij:

    1. om redenen van dienst – waaronder mede te verstaan medische redenen – het gebied van plaatsing voor een tijdvak van langere duur dan dertig achtereenvolgende dagen verlaat of

    2. om persoonlijke redenen het gebied van plaatsing voor een tijdvak van langere duur dan zestig achtereenvolgende dagen verlaat.

  4. Onverminderd het vijfde lid wordt de plaatsing van de defensie-ambtenaar die is geplaatst in een gebied buiten Nederland en wiens gezinsleden aldaar metterwoon zijn gevestigd, geacht voort te duren zolang die defensie-ambtenaar voor de duur van ten hoogste zes maanden buiten het gebied van plaatsing verblijft, terwijl zijn gezinsleden aldaar achterblijven. In voorkomend geval eindigt de plaatsing op de dag waarop:

    1. de duur van het verblijf van de defensie-ambtenaar buiten dat gebied de termijn van zes maanden overschrijdt, dan wel

    2. de gezinsleden binnen de termijn van zes maanden dat gebied definitief of voor langere duur dan zestig dagen verlaten.

  5. In afwijking van het vierde lid wordt de plaatsing van de militair als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdelen a en b, wiens gezinsleden aldaar metterwoon zijn gevestigd, en die is ingezet in het kader van een operatie als bedoeld in de Regeling voorzieningen bij vredes- en humanitaire operaties, geacht voort te duren tijdens de periode van die inzet en van de direct daaraan voorafgaande opleiding ten behoeve van die inzet.

  6. In afwijking van het vierde lid wordt de plaatsing van de militair als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdeel d, dan wel de militair als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onder f, die is ingezet in het kader van een operatie als bedoeld in de Regeling voorzieningen bij vredes- en humanitaire operaties, geacht voort te duren tijdens de periode van die inzet en van de direct daaraan voorafgaande opleiding ten behoeve van die inzet indien de militair gedurende deze periode kosten maakt gerelateerd aan zijn huisvesting in het land van plaatsing.

  7. Indien de defensie-ambtenaar bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdelen a en b, bij eindiging van zijn plaatsing in een gebied buiten Nederland zijn gezinsleden daar moet achterlaten, kan hij, om reden van medische noodzaak, het afronden van het schooljaar van het kind van de defensieambtenaar en het verblijven buiten het land van plaatsing voor het volgen van een bij- of omscholingsopleiding met daarbij het oogmerk van de organisatie de defensieambtenaar terug te laten keren naar het land van plaatsing, niettemin in het genot van de toelage-buitenland, de verhoging daarvan en de overige voorzieningen ter zake van die plaatsing in dat gebied blijven.

  8. De dag van aankomst, bedoeld in het eerste lid, mag maximaal vijf werkdagen voor aanvang van de functievervulling liggen.

  9. Onverminderd het zevende lid, mag de dag van vertrek, bedoeld in het tweede lid, maximaal vijf werkdagen na einde van de functievervulling liggen.

04-07-2026 Huidig 03-07-2026 Historisch 01-06-2026 Historisch 01-05-2026 Historisch 17-04-2026 Historisch 01-04-2026 Historisch 26-02-2026 Historisch 12-02-2026 Historisch 01-02-2026 Historisch 01-01-2026 Historisch 30-12-2025 Historisch 25-12-2025 Historisch 01-12-2025 Historisch 01-11-2025 Historisch 16-10-2025 Historisch 01-10-2025 Historisch 10-09-2025 Historisch 01-09-2025 Historisch 05-08-2025 Historisch 01-08-2025 Historisch 23-07-2025 Historisch 22-07-2025 Historisch 18-07-2025 Historisch 12-07-2025 Historisch 01-07-2025 Historisch 01-06-2025 Historisch 01-05-2025 Historisch 17-04-2025 Historisch 12-04-2025 Historisch 01-04-2025 Historisch 31-03-2025 Historisch 06-03-2025 Historisch 02-03-2025 Historisch 01-03-2025 Historisch 13-02-2025 Historisch 01-02-2025 Historisch 01-01-2025 Historisch 24-12-2024 Historisch 01-12-2024 Historisch 23-11-2024 Historisch 22-11-2024 Historisch 01-11-2024 Historisch 30-10-2024 Historisch 01-10-2024 Historisch 19-09-2024 Historisch 01-09-2024 Historisch 02-08-2024 Historisch 01-08-2024 Historisch 23-07-2024 Historisch 01-07-2024 Historisch 08-06-2024 Historisch 01-06-2024 Historisch 04-05-2024 Historisch 03-05-2024 Historisch 01-05-2024 Historisch 02-04-2024 Historisch 01-04-2024 Historisch 30-03-2024 Historisch 16-03-2024 Historisch 02-03-2024 Historisch 01-03-2024 Historisch 22-02-2024 Historisch 16-02-2024 Historisch 01-02-2024 Historisch 01-01-2024 Historisch 02-12-2023 Historisch 01-12-2023 Historisch 01-11-2023 Historisch 01-10-2023 Historisch 30-09-2023 Historisch 07-09-2023 Historisch 01-09-2023 Historisch 01-08-2023 Historisch 28-07-2023 Historisch 14-07-2023 Historisch 02-07-2023 Historisch 01-07-2023 Historisch 21-06-2023 Historisch 01-06-2023 Historisch 25-05-2023 Historisch 04-05-2023 Historisch 01-05-2023 Historisch 01-04-2023 Historisch 29-03-2023 Historisch 22-03-2023 Historisch 02-03-2023 Historisch 01-03-2023 Historisch 21-02-2023 Historisch 01-02-2023 Historisch 30-01-2023 Historisch
Er is nog geen eerdere of toekomstige officiële versie gevonden om te vergelijken.

Tekst van deze versie

  1. De plaatsing van de defensie-ambtenaar en het verblijf van een of meer gezinsleden in een gebied buiten Nederland vangen aan op de dag van aankomst bij een grensstation of -overgang, in de eerste haven of op het eerste vliegveld aldaar.

  2. Onverminderd het derde tot en met het zesde lid eindigen de plaatsing van de defensie-ambtenaar en het verblijf van een of meer gezinsleden in een gebied buiten Nederland op de dag van vertrek van een grensstation of -overgang, uit de laatste haven of van het laatste vliegveld aldaar.

  3. De plaatsing van de defensie-ambtenaar in een gebied buiten Nederland eindigt, indien hij:

    1. om redenen van dienst – waaronder mede te verstaan medische redenen – het gebied van plaatsing voor een tijdvak van langere duur dan dertig achtereenvolgende dagen verlaat of

    2. om persoonlijke redenen het gebied van plaatsing voor een tijdvak van langere duur dan zestig achtereenvolgende dagen verlaat.

  4. Onverminderd het vijfde lid wordt de plaatsing van de defensie-ambtenaar die is geplaatst in een gebied buiten Nederland en wiens gezinsleden aldaar metterwoon zijn gevestigd, geacht voort te duren zolang die defensie-ambtenaar voor de duur van ten hoogste zes maanden buiten het gebied van plaatsing verblijft, terwijl zijn gezinsleden aldaar achterblijven. In voorkomend geval eindigt de plaatsing op de dag waarop:

    1. de duur van het verblijf van de defensie-ambtenaar buiten dat gebied de termijn van zes maanden overschrijdt, dan wel

    2. de gezinsleden binnen de termijn van zes maanden dat gebied definitief of voor langere duur dan zestig dagen verlaten.

  5. In afwijking van het vierde lid wordt de plaatsing van de militair als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdelen a en b, wiens gezinsleden aldaar metterwoon zijn gevestigd, en die is ingezet in het kader van een operatie als bedoeld in de Regeling voorzieningen bij vredes- en humanitaire operaties, geacht voort te duren tijdens de periode van die inzet en van de direct daaraan voorafgaande opleiding ten behoeve van die inzet.

  6. In afwijking van het vierde lid wordt de plaatsing van de militair als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdeel d, dan wel de militair als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onder f, die is ingezet in het kader van een operatie als bedoeld in de Regeling voorzieningen bij vredes- en humanitaire operaties, geacht voort te duren tijdens de periode van die inzet en van de direct daaraan voorafgaande opleiding ten behoeve van die inzet indien de militair gedurende deze periode kosten maakt gerelateerd aan zijn huisvesting in het land van plaatsing.

  7. Indien de defensie-ambtenaar bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdelen a en b, bij eindiging van zijn plaatsing in een gebied buiten Nederland zijn gezinsleden daar moet achterlaten, kan hij, om reden van medische noodzaak, het afronden van het schooljaar van het kind van de defensieambtenaar en het verblijven buiten het land van plaatsing voor het volgen van een bij- of omscholingsopleiding met daarbij het oogmerk van de organisatie de defensieambtenaar terug te laten keren naar het land van plaatsing, niettemin in het genot van de toelage-buitenland, de verhoging daarvan en de overige voorzieningen ter zake van die plaatsing in dat gebied blijven.

  8. De dag van aankomst, bedoeld in het eerste lid, mag maximaal vijf werkdagen voor aanvang van de functievervulling liggen.

  9. Onverminderd het zevende lid, mag de dag van vertrek, bedoeld in het tweede lid, maximaal vijf werkdagen na einde van de functievervulling liggen.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Voorzieningenstelsel buitenland defensiepersoneel