Behoeft de Koninklijke marechaussee bijstand van de politie voor de strafrechtelijke handhaving van de rechtsorde, dan wel voor het verrichten van taken ten dienste van de justitie, dan richt Onze Minister van Defensie op aanvraag van de officier van justitie een verzoek daartoe aan het College van procureurs-generaal. Het College van procureurs-generaal verstrekt door tussenkomst van de korpschef aan de betrokken politiechefs de nodige opdrachten en stelt Onze Minister en Onze Minister van Defensie daarvan in kennis.
Inhoud
Artikel 63
HISTORISCH
Je bekijkt een oudere officiële versie van 01-01-2021.
Deze versie geldt vanaf 01-01-2021.
12-06-2026
Huidig
23-01-2026
Historisch
01-01-2026
Historisch
01-07-2025
Historisch
01-08-2024
Historisch
18-02-2023
Historisch
01-01-2023
Historisch
08-07-2022
Historisch
01-01-2021
Historisch
01-07-2020
Historisch
01-01-2020
Historisch
Tekst van deze versie
Behoeft de Koninklijke marechaussee bijstand van de politie voor de strafrechtelijke handhaving van de rechtsorde, dan wel voor het verrichten van taken ten dienste van de justitie, dan richt Onze Minister van Defensie op aanvraag van de officier van justitie een verzoek daartoe aan het College van procureurs-generaal. Het College van procureurs-generaal verstrekt door tussenkomst van de korpschef aan de betrokken politiechefs de nodige opdrachten en stelt Onze Minister en Onze Minister van Defensie daarvan in kennis.
Nog geen automatische verwijzingen.
Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.