-
Degene aan wie een kentekenbewijs als bedoeld in artikel 58a is afgegeven of degene die na diens overlijden eigenaar of houder van het voertuig is geworden, is, ingeval hij ophoudt eigenaar of houder te zijn van het voertuig waarvoor dat kentekenbewijs is afgegeven, verplicht:
het deel II of het deel I B en het overschrijvingsbewijs terstond over te dragen aan degene die eigenaar of houder van het voertuig is geworden;
het deel I van het kentekenbewijs onder zich te houden, totdat hij het in het derde lid bedoelde vrijwaringsbewijs en het oude deel II of I B heeft ontvangen.
-
Degene die eigenaar of houder van het voertuig is geworden, is verplicht binnen een week nadat hij het deel II of I B en het overschrijvingsbewijs heeft ontvangen, bij de Dienst Wegverkeer om tenaamstelling te verzoeken onder overlegging van het deel II of I B, het overschrijvingsbewijs en een bij ministeriële regeling aangewezen legitimatiebewijs.
-
De Dienst Wegverkeer geeft aan degene die aan de verplichtingen van het tweede lid heeft voldaan, een vrijwaringsbewijs, een tenaamstellingsverslag een kentekencard af en verstrekt een tenaamstellingcode.
-
Degene die het vrijwaringsbewijs en de tenaamstellingcode heeft ontvangen, is verplicht deze terstond, tezamen met het oude deel II of I B, te doen toekomen aan degene die het deel I, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, onder zich heeft gehouden.
-
Degene die het deel I, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, onder zich heeft gehouden, is verplicht dit terstond af te geven aan degene van wie hij het vrijwaringsbewijs en het oude deel II of I B heeft verkregen.
-
De voorgaande leden zijn van overeenkomstige toepassing indien de eigenaar, respectievelijk de houder van een voertuig, aan wie een kentekenbewijs als bedoeld in artikel 58a is afgegeven, met de houder, respectievelijk de eigenaar van het voertuig overeenkomt dat het kenteken aan deze houder, respectievelijk eigenaar wordt opgegeven.
-
De verplichting, bedoeld in het tweede lid, geldt niet in het geval tenaamstelling wordt geweigerd op grond van artikel 20, derde lid.
Inhoud
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
Hoofdstuk 3 Registratie van kentekens
Hoofdstuk 4 Inschrijven in het kentekenregister en tenaamstelling
- Artikel 17
- Artikel 18
- Artikel 19
- Artikel 20
- Artikel 21
- Artikel 22
- Artikel 23
- Artikel 24
- Artikel 25
- Artikel 25a
- Artikel 25b
- Artikel 26
- Artikel 27
- Artikel 28
- Artikel 28a
- Artikel 29
- Artikel 30
- Artikel 31
- Artikel 32
- Artikel 33
- Artikel 34
- Artikel 35
- Artikel 36
- Artikel 37
- Artikel 38
- Artikel 39
- Artikel 40
- Artikel 40a
- Artikel 40b
- Artikel 40c
- Artikel 40d
- Artikel 40e
Hoofdstuk 5 Handelaarskentekenbewijzen
Hoofdstuk 5a Erkenningsregeling tenaamstelling
Hoofdstuk 6 Erkenningsregeling bedrijfsvoorraad
Hoofdstuk 6a Erkenningsregeling exportdienstverlening
Hoofdstuk 7 Schorsing
Hoofdstuk 8 Strafbepalingen
Hoofdstuk 9 Overgangsbepalingen
Hoofdstuk 9A Overgangsbepalingen in verband met de implementatie van richtlijn nr. 1999/37/eg
Hoofdstuk 9b Overgangsbepalingen in verband met de wijziging van de Wegenverkeerswet 1994 in verband met de modernisering van de wijze van tenaamstelling van kentekenbewijzen en enkele andere wijzigingen van uiteenlopende aard
Hoofdstuk 9c Overgangsbepalingen conversieperiode invoering kentekenplicht bijzondere bromfietsen
Hoofdstuk 10 Slotbepalingen
Artikel 58b
Actueel
Nog geen automatische verwijzingen.
Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.